112 doelen
-
Herkennen de uitspraak van woorden in het Frans.
Frans › Luisteren › Technisch luisteren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Uitspraak: • klanken en klankencombinaties • woordklemtoon • articulatie en intonatie
-
Onderscheiden aangeleerde woorden en structuren in zinnen.
Frans › Luisteren › Technisch luisteren
-
Begrijpen een beluisterde zin.
Frans › Luisteren › Luisteren met begrip › Op zinsniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Zin: van een 6 à 8 aangeleerde woorden
-
Vertellen de betekenis van een beluisterde zin in het Nederlands.
Frans › Luisteren › Luisteren met begrip › Op zinsniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Zin: van een 6 à 8 aangeleerde woorden Vertellen: in eigen woorden
-
Vertalen een beluisterde zin naar het Nederlands.
Frans › Luisteren › Luisteren met begrip › Op zinsniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Zin: van een 6 à 8 aangeleerde woorden
Voorbeelden
Vertalen : Il y a du soleil. Er is zon./ De zon schijnt./ Het is zonnig.
-
Begrijpen instructies van de leraar binnen de klascontext.
Frans › Luisteren › Luisteren met begrip › Op zinsniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Instructie: • enkelvoudige instructie • eenvoudig samengestelde instructies
Voorbeelden
Eenvoudig samengestelde instructies: • Prenez votre livre et un stylo. • Lisez le texte et écrivez une phrase.
-
Reageren op instructies van de leraar binnen de klascontext.
Frans › Luisteren › Luisteren met begrip › Op zinsniveau
-
Herkennen informatie in een beluisterde tekst.
Frans › Luisteren › Luisteren met begrip › Op tekstniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Informatie: • het onderwerp: waar de tekst over gaat • de hoofdgedachte: wat de schrijver over het onderwerp wil zeggen • de gedachtegang: hoe de ideeën van de schrijver in de tekst zijn opgebouwd
-
Geven informatie uit een beluisterde tekst weer.
Frans › Luisteren › Luisteren met begrip › Op tekstniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Informatie: • het onderwerp • de hoofdgedachte • de gedachtegang
Te hanteren begrippen
le sujet, l’idée principale, la question, la réponse
-
Herkennen specifieke informatie uit een beluisterde tekst.
Frans › Luisteren › Luisteren met begrip › Op tekstniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Informatie : die een antwoord geeft op verschillende soorten vragen: qui, quoi, quand, où, combien, comment, quel(le)(s), qu’est-ce que, que
-
Herkennen specifieke informatie uit een beluisterde tekst.
Frans › Luisteren › Luisteren met begrip › Op tekstniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Informatie: die een antwoord geeft op verschillende soorten vragen: pourquoi
-
Geven specifieke informatie uit een beluisterde tekst.
Frans › Luisteren › Luisteren met begrip › Op tekstniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Informatie: • letterlijk in de tekst weergegeven • niet letterlijk in de tekst weergegeven
-
Leiden eenvoudige relaties en verbanden af in een beluisterde tekst.
Frans › Luisteren › Luisteren met begrip › Op tekstniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Relaties en verbanden: • oorzaak-gevolg • vergelijking • tegenstelling • opeenvolging Afleiden: • aan de hand van structuuraanduiders: verwijs- en signaalwoorden
Voorbeelden
Oorzaak-gevolg: Het verhaal gaat over een meisje dat verdrietig is omdat ze de weg niet meer vindt.
-
Herkennen de relatie tussen klank- en schriftbeeld.
Frans › Lezen › Technisch lezen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
Relatie tussen klank- en schriftbeeld: • Tijdens de Franse les hoort Gabriël de klank [o] in woorden zoals l’ hôtel en beau en merkt hij op dat deze klank op verschillende manieren geschreven kan worden. • Louise ontdekt dat de klank [s] op meerdere manieren kan voorkomen in het Frans, zoals in la leçon (ç), six (x) en le centre (c). -
Verklanken woorden.
Frans › Lezen › Technisch lezen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Woorden: • vooraf beluisterde woorden • woorden en structuren vermeld in de woordenlijst Frans Verklanken: • De uitspraak van aangeleerde woorden is correct.
-
Lezen een tekst luidop.
Frans › Lezen › Technisch lezen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Tekst: een vooraf beluisterde tekst
-
Gebruiken hun kennis om woorden en structuren die niet vermeld zijn in de woordenlijst Frans verstaanbaar uit te spreken.
Frans › Lezen › Technisch lezen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Kennis: van woorden, letters en klanken Verstaanbaar: met enige inspanning
-
Begrijpen een gelezen zin.
Frans › Lezen › Lezen met begrip › Op zinsniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Zin: van een 6 à 8 aangeleerde woorden
-
Vertellen de betekenis van een gelezen zin in het Nederlands.
Frans › Lezen › Lezen met begrip › Op zinsniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Zin: van een 6 à 8 aangeleerde woorden Vertellen: in eigen woorden
-
Vertalen een gelezen zin naar het Nederlands.
Frans › Lezen › Lezen met begrip › Op zinsniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Zin: van een 6 à 8 aangeleerde woorden
Voorbeelden
Vertalen : Il y a du soleil. => Er is zon./ De zon schijnt./ Het is zonnig.
-
Herkennen informatie in een gelezen tekst.
Frans › Lezen › Lezen met begrip › Op tekstniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Informatie: • het onderwerp: Waar de tekst over gaat. • de hoofdgedachte: Wat de schrijver over het onderwerp wil zeggen. • de gedachtegang: Hoe de ideeën van de schrijver in de tekst zijn opgebouwd.
-
Geven informatie uit een gelezen tekst weer.
Frans › Lezen › Lezen met begrip › Op tekstniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Informatie: • het onderwerp • de hoofdgedachte • de gedachtegang Weergeven: met woorden uit de tekst
Te hanteren begrippen
le sujet, l’idée principale, la question, la réponse
-
Herkennen specifieke informatie uit een gelezen tekst.
Frans › Lezen › Lezen met begrip › Op tekstniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Informatie: die een antwoord geeft op verschillende soorten vragen: qui, quoi, quand, où, combien, comment, quel(le)(s), qu’est-ce que, que
-
Herkennen specifieke informatie uit een gelezen tekst.
Frans › Lezen › Lezen met begrip › Op tekstniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Informatie: die een antwoord geeft op verschillende soorten vragen: pourquoi
-
Geven specifieke informatie uit een gelezen tekst.
Frans › Lezen › Lezen met begrip › Op tekstniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Informatie: • letterlijk in de tekst weergegeven • niet letterlijk in de tekst weergegeven
-
Leiden eenvoudige relaties en verbanden af in een gelezen tekst.
Frans › Lezen › Lezen met begrip › Op tekstniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Relaties en verbanden: • oorzaak en gevolg • probleem en oplossing • middel-doel • deel-geheel Afleiden: • aan de hand van structuuraanduiders: verwijs- en signaalwoorden
-
Verklanken vooraf beluisterde woorden correct.
Frans › Spreken › Herhalend spreken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Woorden: • geïsoleerde woorden • de meest frequente woorden • woordcombinaties en vaste uitdrukkingen
-
Zeggen een tweemaal beluisterde zin na.
Frans › Spreken › Herhalend spreken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Zin: van een 5 à 7 aangeleerde woorden Nazeggen: na 1 à 2 seconden na het beluisteren van de zin
-
Lezen geschreven zinnen vlot luidop.
Frans › Spreken › Herhalend spreken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Zinnen van elk 6 à 8 aangeleerde woorden
-
Vormen zinnen vanuit een context.
Frans › Spreken › Bewerkend spreken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Vormen: mondeling vanuit opgegeven woorden Zinnen: met minimaal een onderwerp en een persoonsvorm
Voorbeelden
Zinnen vormen: • zin bouwen met aangereikte woorden: Acheter/maman/pommes - Maman achète des pommes. • maak de zin af : Je mange … - Je mange un œuf. • zin uitbreiden : Nous sommes en France. (visiter/ un château/ aujourd’hui) - Aujourd’hui nous sommes en France pour visiter un château. -
Vormen zinnen met aanpassing van opgegeven woorden.
Frans › Spreken › Bewerkend spreken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Aanpassing van opgegeven woorden: • genus • getal • persoonsvorm
-
Vormen zinnen om.
Frans › Spreken › Bewerkend spreken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Omvormen: • van bevestigend naar ontkennend • van ontkennend naar bevestigend
-
Vormen zinnen om qua tijden.
Frans › Spreken › Bewerkend spreken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Omvormen van tijden: • van tegenwoordige tijd (indicatif présent) naar verleden tijd (passé composé) • van tegenwoordige tijd (indicatif présent) naar nabije toekomst (futur proche) • van verleden tijd (passé composé) naar tegenwoordige tijd (indicatif présent) • van verleden tijd (passé composé) naar nabije toekomst (futur proche) • van nabije toekomst (futur proche) naar tegenwoordige tijd (indicatif présent) • van nabije toekomst (futur proche) naar verleden tijd (passé composé)
-
Vertalen beluisterde zinnen in het Nederlands mondeling naar het Frans.
Frans › Spreken › Bewerkend spreken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Zin: van een 3 à 5 aangeleerde woorden
-
Vertalen gelezen zinnen in het Nederlands mondeling naar het Frans.
Frans › Spreken › Bewerkend spreken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Zin: van een 3 à 5 aangeleerde woorden
-
Vertellen over een afbeelding of uitbeelding.
Frans › Spreken › Bewerkend spreken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Vertellen: via een beschrijving
-
Vertellen over zichzelf en hun leefwereld.
Frans › Spreken › Bewerkend spreken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Vertellen: • met een vorm van ondersteuning • met aandacht voor verstaanbare uitspraak • met aandacht voor eenvoudige zinsconstructie • met concrete inhoud • in enkele enkelvoudige zinnen
Voorbeelden
Onderwerpen om over te vertellen of te presenteren: • een gebeurtenis zoals een ontmoeting, een uitstap, een ongeluk, een sportevenement, een feest • beschrijving van iets of iemand zoals de verschillende delen van een huis, een medeleerling Met een vorm van ondersteuning: • zinnen, vaste structuren (il/elle est ..., il a les cheveux …) • trefwoorden om korte zinnen mee te maken • gerichte vragen/ opdrachten -
Vertellen gegevens van een tekst na.
Frans › Spreken › Bewerkend spreken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Navertellen: • in een opsomming • met een vorm van ondersteuning
-
Verwoorden de inhoud van een tekst mondeling.
Frans › Spreken › Bewerkend spreken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Verwoorden • met een vorm van ondersteuning • met gebruik van taal uit de tekst
Voorbeelden
Met een vorm van ondersteuning: • Een reeks zinnen die de leerlingen in de juiste volgorde moeten zetten of waaruit ze moeten kiezen. • Trefwoorden van waaruit de leerlingen korte zinnen kunnen maken. • Tekeningen/ prenten/ voorwerpen waarbij ze een zin moeten maken. • gerichte vragen/opdrachten -
Formuleren ja-nee vragen.
Frans › Mondeling interageren › Mondeling vragen stellen op zinsniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Ja-nee vragen: • intonatievraag • est-ce que + gewone zin
-
Formuleren ja-nee vragen.
Frans › Mondeling interageren › Mondeling vragen stellen op zinsniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Ja-nee vragen: inversievraag
-
Formuleren vragen.
Frans › Mondeling interageren › Mondeling vragen stellen op zinsniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Vragen: • vraag met een vragend voornaamwoord: wie (qui), wat (quoi), wat (que/qu’), welke (van de) (quel/quelle/quels/quelles) • vragen met de intonatievorm, met ‘est-ce que’, met een vraagwoord • vragen met een vragend bijwoord: waar (où), wanneer (quand), hoe (comment), hoeveel (combien (de)) -
Formuleren vragen.
Frans › Mondeling interageren › Mondeling vragen stellen op zinsniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Vragen: vragen met een vragend bijwoord: waarom (pourquoi)
-
Beantwoorden ja-nee vragen met een zin.
Frans › Mondeling interageren › Mondeling antwoorden geven op zinsniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Beantwoorden: • bevestigend antwoorden • ontkennend antwoorden met gebruik van een bijwoord van ontkenning
-
Beantwoorden vragen met een zin.
Frans › Mondeling interageren › Mondeling antwoorden geven op zinsniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Vragen: • positief en negatief geformuleerde vragen • vraag met een vragend voornaamwoord: wie (qui), wat (quoi), wat (que/qu’), welke (van de) (quel/quelle/quels/quelles) • vragen met de intonatievorm, met ‘est-ce que’, met een vraagwoord • vragen met een vragend bijwoord: waar (où), wanneer (quand), hoe (comment), hoeveel (combien (de)) -
Beantwoorden vragen met een zin.
Frans › Mondeling interageren › Mondeling antwoorden geven op zinsniveau
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Vragen: Vragen met een vragend bijwoord: waarom (pourquoi)
-
Begrijpen gesprekken.
Frans › Mondeling interageren › Een mondeling gesprek voeren vanuit een context
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Begrijpen: • vragen • antwoorden • uitspraken
-
Voeren gesprekken*.
Frans › Mondeling interageren › Een mondeling gesprek voeren vanuit een context
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gesprekken: • informele gesprekken • formele gesprekken • reageren op vragen en uitspraken door te antwoorden en uitspraken te doen • stellen zelf vragen
Voorbeelden
Gespreksonderwerpen: als spreker zeggen hoe je heet, wat je (niet) graag doet in je vrije tijd, de weg vragen, vragen hoeveel iets kost, gepast reageren op een vraag of uitspraak *in een variatie aan gespreksvormen
-
Herkennen elementaire om gangsvormen en beleefdheidsconventies bij het voeren van gesprekken.
Frans › Mondeling interageren › Een mondeling gesprek voeren vanuit een context
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
Elementaire omgangsvormen en beleefdheidsconventies: aanspreekvormen gebruiken (Bonjour, Bonjour tous le monde, Bonjour Mademoiselle, Bonjour Monsieur), bedanken de luisteraars, gebruiken ‘je voudrais…’ als ze graag iets willen, gebruiken ‘s’il vous plaît’ als ze iets vragen, gebruiken gepast ‘tu’ of ‘vous’.
-
Gebruiken elementaire omgangsvormen en beleefdheidsconventies bij het voeren van gesprekken.
Frans › Mondeling interageren › Een mondeling gesprek voeren vanuit een context
-
Tonen hun kennis van elementaire omgangsvormen en beleefdheidsconventies in gesprekken in verschillende contexten.
Frans › Mondeling interageren › Een mondeling gesprek voeren vanuit een context
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
• Tijdens een gesprek met de directeur over een schoolproject spreekt Hans beleefd en gebruikt hij gepaste aanspreekvormen zoals ‘monsieur’ en ‘mademoiselle’. Hij wacht tot de ander is uitgesproken voordat hij zelf iets zegt. • Elsa begroet de buschauffeur met een vriendelijke “bonjour” en bedankt hem bij het uitstappen. Ze weet dat kleine beleefdheden belangrijk zijn in dagelijkse interacties. -
Gebruiken markeerders correct.
Frans › Schrijven › Spellingsgericht schrijven
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Markeerders: • voor vrouwelijk (geslacht) • voor meervoud (getal)
-
Gebruiken markeerders correct.
Frans › Schrijven › Spellingsgericht schrijven
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Werkwoordsvormen: uitgangen van werkwoordsvormen (persoon en tijd)
-
Schrijven een zin uit het geheugen.
Frans › Schrijven › Herhalend schrijven
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Uit het geheugen: na aandachtig lezen van een zin Zinnen: van 5 à 7 aangeleerde woorden
-
Vullen een geschreven zin aan.
Frans › Schrijven › Bewerkend schrijven
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Aanvullen: • met een vorm van ondersteuning • schriftelijk
-
Schrijven een tekst.
Frans › Schrijven › Bewerkend schrijven
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Schrijven: • met een vorm van ondersteuning • door aan te vullen • door samen te stellen
-
Schrijven zinnen.
Frans › Schrijven › Bewerkend schrijven
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Zinnen: niet vooraf aangeleerde zinnen aan de hand van aangeboden, gekende woorden
-
Schrijven een tekst in de vorm van een opsomming.
Frans › Schrijven › Bewerkend schrijven
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Een opsomming: • van een gebeurtenis • van een verhaal • van iets of iemand Schrijven: met een vorm van ondersteuning
Voorbeelden
Met een vorm van ondersteuning: • individueel of samen geschreven teksten • willekeurig aangeboden zinnen ordenen in een logische opbouw • aan de hand van aangeboden werkwoordsvormen zinnen aanvullen • gekende zinnen reconstrueren aan de hand van willekeurig aangeboden woorden • hanteren bij het schrijven een stappenplan of aangeboden tekststructuur
-
Schrijven een tekst.
Frans › Schrijven › Bewerkend schrijven
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Een tekst: • een schriftelijke vraag stellen • schriftelijk informatie verstrekken Schrijven: met een vorm van ondersteuning
-
Vertalen beluisterde zinnen schriftelijk naar het Frans.
Frans › Schrijven › Bewerkend schrijven
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Zin: van een 3 à 5 aangeleerde woorden Vertalen: met een vorm van ondersteuning
-
Vertalen gelezen zinnen schriftelijk naar het Frans.
Frans › Schrijven › Bewerkend schrijven
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Zin: van een 3 à 5 aangeleerde woorden Vertalen: met een vorm van ondersteuning
-
Begrijpen woordenschat en structuren.
Frans › Woordenschat › Woorden en lexicale structuren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Woordenschat en structuren: vermeld in de woordenlijst Frans Begrijpen: • bij het lezen • bij het luisteren
-
Gebruiken de woordenschat en structuren.
Frans › Woordenschat › Woorden en lexicale structuren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Woordenschat en structuren: vermeld in de woordenlijst Frans Gebruiken: • bij het spreken • bij het mondeling interageren • bij het schrijven
-
Zetten hun kennis van het Nederlandse taalsysteem in bij het leren van het Frans.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Grammaticale termen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Kennis van het Nederlandse taalsysteem: In het Nederlands de volgende voor het Frans relevante termen gebruiken: • klank, klinker, medeklinker, uitspraak • alfabet, letter, hoofdletter, kleine letter • trema, accent, koppelteken, apostrof • leesteken, punt, vraagteken, uitroepteken, komma, dubbele punt, spatie, aanhalingsteken • afkorting, woord, lidwoord, zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoord, voornaamwoord, werkwoord, bijwoord • enkelvoud, meervoud, mannelijk, vrouwelijk • stam, uitgang, persoon, persoonsvorm, infinitief, tijd, tegenwoordige tijd, verleden tijd, nabije toekomst • zin, zinsdeel, onderwerp, persoonsvorm, woordgroep • vervoegen, vervoeging, overeenkomen, overeenkomstTe hanteren begrippen
de klank, de klinker, de medeklinker, de uitspraak, het alfabet, de letter, de hoofdletter, de kleine letter, het trema, het accent, het koppelteken, de apostrof, het leesteken, het punt, het vraagteken, het uitroepteken, de komma, het dubbele punt, de spatie, het aanhalingsteken, de afkorting, het woord, het lidwoord, het zelfstandig naamwoord, het bijvoeglijk naamwoord, het voornaamwoord, het werkwoord, het bijwoord, het enkelvoud, het meervoud, mannelijk, vrouwelijk, de stam, de uitgang, persoon, de persoonsvorm, de infinitief, de tijd, de tegenwoordige tijd, de verleden tijd, de nabije toekomst, de zin, het zinsdeel, het onderwerp, de woordgroep, vervoegen, de vervoeging, overeenkomen, de overeenkomst
-
Herkennen verschillende soorten zinnen.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Zinnen en zinsdelen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Soorten zinnen: • mededelende zin • bevestigende zin • vraagzin met de intonatievorm • vraagzin met ‘est-ce que’ • vraagzin met vraagwoord • ontkennende zin: ne ..pas, ne…plus
-
Formuleren verschillende soorten zinnen.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Zinnen en zinsdelen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Zinnen: • enkelvoudige zinnen • samengestelde zinnen Formuleren: zinnen met minimaal een onderwerp en een persoonsvorm
-
Stemmen onderwerp en persoonsvorm op elkaar af.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Zinnen en zinsdelen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Afstemmen: in persoon en in getal
-
Passen bij een ontkennende zin het lidwoord aan.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Zinnen en zinsdelen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
Aanpassing van het lidwoord bij een ontkennende zin: • C’est un livre - Ce n’est pas un livre. • J’ai un frère - Je n’ai pas de frère.
-
Herkennen woordsoorten in een zin.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Woordsoorten: • lidwoorden • zelfstandige naamwoorden • bijvoeglijke naamwoorden • werkwoorden
-
Herkennen het geslacht van het zelfstandig naamwoord.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Herkennen: • aan de hand van het lidwoord: bepaalde lidwoorden: l’, le, la, les onbepaalde lidwoorden: un, une, des • aan de hand van het bijvoeglijk naamwoordTe hanteren begrippen
l’, le, la, les, un, une, des, le féminin, le masculin, mannelijk, vrouwelijk
-
Stemmen de vorm van de woordsoort af op het geslacht van het zelfstandig naamwoord in een zin.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Woordsoorten: • het lidwoord • bijvoeglijke naamwoorden
-
Herkennen de meest frequente meervoudsvormen.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Herkennen: aan de hand van het gebruik van lidwoorden of door de schrijfwijze/uitspraak
Te hanteren begrippen
het meervoud, het enkelvoud, le singulier, le pluriel
-
Zetten de zelfstandige naamwoorden om van enkelvoud naar meervoud en omgekeerd.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Omzetten: • meervouden eindigend op ‘s’ en ‘x’ • zelfstandig naamwoord met lidwoord
-
Herkennen persoonlijke voornaamwoorden.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Persoonlijke voornaamwoorden: • als onderwerp (je/j’, tu, il, elle, on, nous, vous, ils, elles) • als beklemtoonde vorm (moi, toi, lui, elle, nous, vous, eux, elles) • als lijdend voorwerp (enkel derde persoon: le, la, l’, les) • overeenkomst tussen persoonlijk voornaamwoord en antecedent (il, elle, ils, elles)
Te hanteren begrippen
je, j’, tu, il, elle, on, nous, vous, ils, elles, moi, toi, lui, elle, nous, vous, eux, elles, le, la, les
-
Gebruiken persoonlijke voornaamwoorden in een zin.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
-
Herkennen bezittelijke voornaamwoorden in een zin.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Bezittelijke voornaamwoorden: • mon, ma, mes, ton, ta, tes, son, sa, ses, notre, nos, votre, vos, leur, leurs • uitzonderingen: mon, ton, son gebruiken bij vrouwelijke zelfstandige naamwoorden die beginnen met een klinkerTe hanteren begrippen
mon, ma, mes, ton, ta, tes, son, sa, ses, notre, nos, votre, vos, leur, leurs
-
Gebruiken het bezittelijk voornaamwoord in een zin.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Bezittelijk voornaamwoord: het geslacht van het naamwoord is gegeven of gekend
-
Herkennen aanwijzende voornaamwoorden.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Te hanteren begrippen
ce, cet, cette, ces
-
Gebruiken aanwijzende voornaamwoorden in een zin.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
-
Herkennen vragende voornaamwoorden.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Te hanteren begrippen
qui, quoi, que
-
Herkennen vraagwoorden.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Te hanteren begrippen
qui, quoi, que, qu’est-ce que, comment, quand, où, combien, quel, quelle, pourquoi
-
Gebruiken vragende voornaamwoorden in een zin.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
-
Herkennen bijwoorden.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Bijwoorden: ici, là, beaucoup, un peu, très, bien, mal, vite, oui, non
-
Herkennen bijwoorden.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Te hanteren begrippen
ici, là, beaucoup, un peu, très, bien, mal, vite, oui, non, déjà, tôt, tard, toujours, souvent, parfois, presque, tout de suite, assez, trop, plus, moins, mieux, encore, aussi
-
Gebruiken bijwoorden in een zin.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
-
Herkennen signaal- en verwijswoorden.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Signaal- en verwijswoorden: opsomming : et, ou
-
Herkennen signaal- en verwijswoorden.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Signaal- en verwijswoorden: • oorzaak-gevolg: parce que, donc, alors, si • vergelijking: comme, plus que, moins que • tegenstelling: mais • opeenvolging: d’abord, puis, après, enfin • opsomming: et, ou
Te hanteren begrippen
parce que, donc, alors, si, comme, plus que, moins que, mais, d’abord, puis, après, enfin, et, ou
-
Gebruiken signaal- en verwijswoorden in een zin.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
-
Herkennen voorzetsels.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Voorzetsels: dans, sur, sous, devant, derrière, à, en, avec, pour
-
Herkennen voorzetsels.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Te hanteren begrippen
dans, sur, sous, devant, derrière, à, en, avec, pour, à côté de, près de, loin de, entre, contre, avant, pendant, après, jusqu’à, pour, de, chez, sans
-
Gebruiken voorzetsels in een zin.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
-
Gebruiken samengetrokken lidwoorden in een zin.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Samengetrokken lidwoord: • met à • met de
Voorbeelden
Samengetrokken lidwoorden: • Je vais au magasin. (à + le => au) • Je viens du magasin. (de + le => du)
-
Gebruiken deelaanduidende lidwoorden en lidwoorden na een hoeveelheid in een zin.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Woordsoorten, woordvorming en woordgeslachten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
Deelaanduidend lidwoord : Nous mangeons du fromage. Je bois beaucoup de l’eau.
-
Beschrijven werkwoorden in de tegenwoordige tijd (l’indicatif présent).
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Werkwoordtijden
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Te hanteren begrippen
de infinitief, de persoon, de vervoeging, de uitgang, de tegenwoordige tijd
Voorbeelden
Beschrijven: Nous sommes à l’école: être, tegenwoordige tijd, 1ste persoon meervoud.
-
Vervoegen werkwoorden in de tegenwoordige tijd (lindicatif présent) in een zin.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Werkwoordtijden
-
Gebruiken de structuren c’est’ en ‘ce sont’, ‘il y a’ in een zin.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Werkwoordtijden
-
Beschrijven werkwoorden in de nabije toekomst (le futur proche).
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Werkwoordtijden
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Te hanteren begrippen
de nabije toekomst
Voorbeelden
Beschrijven: Tu vas jouer?: jouer, nabije toekomst, 2de persoon enkelvoud.
-
Vervoegen werkwoorden in de nabije toekomst (le futur proche) in een zin.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Werkwoordtijden
-
Beschrijven werkwoorden in de verleden tijd (le passé composé).
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Werkwoordtijden
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Te hanteren begrippen
de verleden tijd
Voorbeelden
Beschrijven: Le prof n’est pas venu: venir, verleden tijd, 3de persoon enkelvoud.
-
Vervoegen werkwoorden in de verleden tijd (le passé composé) in een zin.
Frans › Grammatica › Inzicht en toepassing van grammaticale structuren › Werkwoordtijden
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Werkwoorden: • werkwoorden op -ER • onregelmatige werkwoorden : aller, avoir, boire, dire, écrire, fair, lire, mettre, prendre, venir, voir -
Illustreren het Frans als wereldtaal.
Frans › Cultuur › De Franse taal
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Wereldtaal: • geografische verspreiding • (inter)nationale betekenis
-
Verwoorden het Frans als officiële taal van België.
Frans › Cultuur › De Franse taal
-
Illustreren het belang van het Frans in de samenleving.
Frans › Cultuur › De Franse taal
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Belang • communicatie in België • wereldburgerschap • werk en studies • culturele verrijking • dagelijkse situaties
-
Illustreren inhouden uit de francofone cultuur.
Frans › Cultuur › De francofone cultuur
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Inhouden: • geschiedenis • kunst • maatschappij • volkse en culinaire tradities
-
Illustreren strategieën voor teksten met aangeleerde woorden.
Frans › Strategieën › Strategieën voor teksten › Strategieën voor teksten met aangeleerde woorden
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Strategieën: • visuele elementen gebruiken • vragen om te vertalen • vragen om trager te spreken • vragen om te herhalen • beknopt grammaticaal overzicht gebruiken: logisch terugvinden van een grammaticaal onderwerp
-
Passen strategieën voor teksten met aangeleerde woorden toe.
Frans › Strategieën › Strategieën voor teksten › Strategieën voor teksten met aangeleerde woorden
-
Illustreren strategieën voor teksten met nog niet aangeleerde woorden.
Frans › Strategieën › Strategieën voor teksten › Strategieën voor teksten met aangeleerde woorden
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Strategieën: • een woordenlijst of woordenboek raadplegen • de vermoedelijke betekenis van transparante woorden afleiden uit de context
-
Illustreren strategieën voor teksten met nog niet aangeleerde woorden.
Frans › Strategieën › Strategieën voor teksten › Strategieën voor teksten met aangeleerde woorden
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Teksten: • in een vlotte luister- of leestekst bedoeld voor hun niveau • de ratio van de niet gekende woorden is niet hoger dan 2 % Strategie: • de vermoedelijke betekenis van nog niet aangeleerde, niet-transparante woorden afleiden uit de context -
Passen strategieën voor teksten met nog niet aangeleerde woorden toe.
Frans › Strategieën › Strategieën voor teksten › Strategieën voor teksten met aangeleerde woorden
-
Tonen hun kennis van strategieën in verschillende contexten.
Frans › Strategieën › Strategieën voor teksten › Strategieën voor teksten met aangeleerde woorden
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
• Amandine leest een kort verhaaltje in het Frans en begrijpt het woord fromage niet. Ze kijkt naar de prent van een stuk kaas en leidt uit de context af wat het woord betekent. • Rayan wil in een Waalse winkel een pen kopen. Hij zegt: “Je veux acheter …” Hij weet het Franse woord voor pen niet, maar toont een schrijfbeweging voor, zodat de winkelier begrijpt wat hij bedoelt. -
Tonen waardering voor de meertalige identiteit bij zichzelf en anderen.
Frans › Talige diversiteit › Talige diversiteit tussen talen
-
Hanteren de Franse taal.
Frans › Talige diversiteit › Talige diversiteit binnen Frans
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Hanteren: • durven te communiceren in het Frans • geven niet op ondanks het feit dat ze niet alles begrijpen • verzorgen de Franse taal bij het schrijven, het spreken en het voeren van gesprekken