FR.036
Gebruiken
L5
L6
Vertellen over een afbeelding of uitbeelding.
- Leeftijd
- 10-11,11-12 jaar
- Handelingswerkwoord
- Vertellen
- Verwerkingsaspect
- Gebruiken — procedurele kennis — weten hoe
- Minimumdoelen
- L6 10.3.10
- In de PDF
- pagina 9
Leerlijn
Vertellen over een afbeelding of uitbeelding. MIA Vertellen: via een beschrijving
Gekoppelde minimumdoelen bij het onderwerp “Spreken”
KO L4 L6 De leerlingen kunnen 10.3.1 een tweemaal beluisterde zin van 5 à 7 aangeleerde woorden na 1 à 2 seconden vlot nazeggen als bevestiging van begrip en automatisering. 10.3.2 geschreven zinnen van elk 6 à 8 aangeleerde woorden vlot luidop lezen. 10.3.3 vanuit een context zinnen vormen vanuit opgegeven woorden. 10.3.4 zinnen vormen met aanpassing van opgegeven woorden (genus, getal, persoonsvorm). 10.3.5 zinnen omvormen van bevestigend naar ontkennend en omgekeerd. 10.3.6 zinnen omvormen qua tijden – tegenwoordige tijd (indicatif présent), verleden tijd (passé composé), nabije toekomst (futur proche). 10.3.7 beluisterde of gelezen Nederlandse zinnen van een 3 à 5 woorden vlot mondeling naar het Frans vertalen. 10.3.8 met een vorm van ondersteuning de gegevens van een tekst mondeling opsommen. 10.3.9 met een vorm van ondersteuning de inhoud van een tekst mondeling beschrijven. 10.3.10 zinnen vormen op basis van een afbeelding of uitbeelding.