FR.048
Gebruiken
L5
L6
Voeren gesprekken*.
Frans › Mondeling interageren › Een mondeling gesprek voeren vanuit een context
- Leeftijd
- 10-11,11-12 jaar
- Handelingswerkwoord
- Voeren
- Verwerkingsaspect
- Gebruiken — procedurele kennis — weten hoe
- Minimumdoelen
- L6 10.4.6
- In de PDF
- pagina 13
Leerlijn
Voeren gesprekken*. MIA Gesprekken: • informele gesprekken • formele gesprekken • reageren op vragen en uitspraken door te antwoorden en uitspraken te doen • stellen zelf vragen Voorbeelden Gespreksonderwerpen: als spreker zeggen hoe je heet, wat je (niet) graag doet in je vrije tijd, de weg vragen, vragen hoeveel iets kost, gepast reageren op een vraag of uitspraak *in een variatie aan gespreksvormen
Wordt verwezen vanuit
- Vlag FR.080 Herkennen vragende voornaamwoorden. L5,L6
- Vlag FR.081 Herkennen vraagwoorden. L5,L6
- Vlag FR.082 Gebruiken vragende voornaamwoorden in een zin. L5,L6
- Vlag FR.097 Beschrijven werkwoorden in de nabije toekomst (le futur proche). L5,L6
Gekoppelde minimumdoelen bij het onderwerp “Mondeling interageren”
KO L4 L6 De leerlingen kunnen 10.4.1 ja-neevragen stellen. 10.4.2 een vraag met een vragend voornaamwoord of met een vragend bijwoord stellen. 10.4.3 op een ja-neevraag met een zin bevestigend antwoorden. 10.4.4 op een ja-neevraag ontkennend antwoorden met gebruik van een bijwoord van ontkenning. 10.4.5 op een vraag met een vragend voornaamwoord of vragend bijwoord passend antwoorden. 10.4.6 deelnemen aan een gesprek door vragen, antwoorden en uitspraken te begrijpen, erop te reageren, zelf vragen te stellen, antwoorden te geven en uitspraken te doen.