GE.228
Gebruiken
K3
L1
L2
L3
Determineren erfgoed uit eigen leven en omgeving.
Geschiedenis › Historisch strategisch: dialoog voor de toekomst › Erfgoed, identiteit, relatie verleden-heden › Erfgoed
- Leeftijd
- 5-6,6-7,7-8,8-9 jaar
- Handelingswerkwoord
- Determineren
- Verwerkingsaspect
- Gebruiken — procedurele kennis — weten hoe
- Minimumdoelen
- L4 5.3.3; L4 5.3.4
- In de PDF
- pagina 62
Leerlijn
Determineren erfgoed uit eigen leven en omgeving.
Hangt samen met
- Vlag LL.068 Verwoorden vakspecifieke leerstrategieën. K3,L1,L2,L3,L4,L5,L6
- Vlag LL.098 Voeren een onderzoek uit. K3,L1,L2,L3,L4,L5,L6
Wordt verwezen vanuit
- Vlag GE.236 Herkennen collectieve identiteit. L1,L2
- Vlag GE.237 Herkennen collectieve identiteit. L3,L4
Gekoppelde minimumdoelen bij het onderwerp “Historisch strategisch: dialoog voor de toekomst”
De kleuters weten
5.3.2 waarom iets uit het verleden bewaard wordt.
De kleuters kunnen
5.3.3 herkennen dat sporen uit het verleden aanwezig zijn
in wat ze om zich heen zien.
De leerlingen weten
5.3.3 dat ontwikkelingen in de bestudeerde
samenlevingen een invloed hebben uitgeoefend op
hedendaagse samenlevingen:
• (on)vrijheid, (on)gelijkheid, (on)verdraagzaamheid,
oorlog en vrede;
• erfgoed.
De leerlingen kunnen
5.3.4 uitleggen hoe persoonlijke identiteit mee gevormd
wordt door het verleden:
• familiebanden;
• aandenken.
De leerlingen kunnen
5.3.2 de relatie tussen heden, verleden en toekomst
verwoorden met betrekking tot de bestudeerde
samenlevingen:
• materieel en immaterieel erfgoed;
• racisme en discriminatie;
• organisatie van samenleving en dialoog:
democratische instellingen, dictatorschap.
5.3.3 uitleggen wat historische gebeurtenissen,
ontwikkelingen, plaatsen, en/of personen voor de
samenleving kunnen betekenen: erfgoed: standbeelden,
straatnamen, verhalen, feestdagen.