142 doelen
vak: NL ✕ Mondeling taalgebruik ✕
-
Luisteren aandachtig.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie selecteren en interpreteren
-
Gebruiken non-verbale communicatie bij het luisteren.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie selecteren en interpreteren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Non-verbale communicatie: • blik gericht houden • blik van de leraar volgen • oogcontact maken • aandacht voor lichaamstaal, mimiek en stemgebruik van de spreker
-
Leiden de betekenis van mondelinge boodschappen af met behulp van de context.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie selecteren en interpreteren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Context: • visuele ondersteuning: boeken, prenten, concreet materiaal, presentatie, gebaren, mimiek • auditieve ondersteuning: stemgebruik, intonatie -
Voeren enkelvoudige mondeling gegeven instructies uit.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie selecteren en interpreteren
-
Voeren meervoudige mondeling gegeven instructies uit.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie selecteren en interpreteren
-
Reageren op eenvoudige mondeling gestelde vragen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie selecteren en interpreteren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Reageren: • verbaal • non-verbaal Vragen: • open vragen • gesloten vragen • denkstimulerende vragen
-
Formuleren vragen in functie van de luisteropdracht.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie selecteren en interpreteren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Luisteropdracht: • om meer informatie te krijgen • om na te gaan of ze de boodschap goed begrepen hebben
-
Begrijpen in concrete luistersituaties expliciete boodschappen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie selecteren en interpreteren
-
Leiden in concrete luistersituaties expliciete boodschappen af.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie selecteren en interpreteren
-
Begrijpen in concrete luistersituaties expliciete en impliciete boodschappen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie selecteren en interpreteren
-
Leiden in concrete luistersituaties expliciete en impliciete informatie af.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie selecteren en interpreteren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
Impliciete boodschappen: • Bij ‘Ik heb het koud’ wordt niet gezegd: ‘Het zou fijn zijn als het raam gesloten werd.’ • Bij ‘Je hebt je best gedaan’ wordt niet gezegd: ‘Het resultaat is niet goed genoeg.’ -
Leiden relaties en verbanden af bij een beluisterde tekst.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie selecteren en interpreteren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Relaties en verbanden: • oorzaak en gevolg • probleem en oplossing
-
Leiden relaties en verbanden af bij expliciete informatie uit een beluisterde tekst.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie selecteren en interpreteren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Relaties en verbanden: • oorzaak en gevolg • probleem en oplossing • middel-doelrelatie • conclusie trekken: informatie uit de tekst combineren om tot een conclusie te komen -
Leiden relaties en verbanden af bij expliciete en impliciete informatie uit een beluisterde tekst.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie selecteren en interpreteren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Relaties en verbanden: conclusie trekken: informatie uit de tekst combineren om tot een conclusie te komen
-
Herkennen feiten en meningen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie kritisch verwerken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Herkennen: in beluisterde teksten
Te hanteren begrippen
de mening, het feit
-
Onderscheiden feiten en meningen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie kritisch verwerken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Onderscheiden: in beluisterde teksten
-
Maken verbindingen tijdens het beluisteren van teksten.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie kritisch verwerken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Verbindingen: • tussen de tekst en eigen ervaringen • tussen de tekst en vakspecifieke (voor)kennis
-
Maken verbindingen tijdens het beluisteren van teksten.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie kritisch verwerken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Verbindingen: • tussen de tekst en eigen ervaringen voorkennis • tussen de tekst en vakspecifieke (voor)kennis • tussen passages uit de tekst
-
Reflecteren over de kennis die de beluisterde tekst opleverde.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie kritisch verwerken
-
Analyseren in luistersituaties factoren van het communicatiemodel.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie kritisch verwerken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Analyseren: • relatie tussen zender en ontvanger • houding van de zender ten opzichte van de ontvanger en omgekeerd
Te hanteren begrippen
communicatie, de zender, de ontvanger
-
Analyseren in luistersituaties factoren van het communicatiemodel.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie kritisch verwerken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Analyseren: • relatie tussen boodschap en kanaal • mening, feit
Te hanteren begrippen
de boodschap, het kanaal
-
Geven weer hoe een spreker over het onderwerp denkt.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie kritisch verwerken
-
Analyseren in concrete luistersituaties factoren van het communicatiemodel.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie kritisch verwerken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Analyseren: • het medium herkennen als drager van de boodschap • het kanaal herkennen als de weg waarlangs de boodschap wordt verspreidTe hanteren begrippen
communicatie, het medium, het kanaal
Voorbeelden
Communicatiemodel: • via een persoonlijke gesprek (medium) een presentatie (kanaal) over een onderzoek geven • via een radiozender (medium) een reclameboodschap in een radiospot (kanaal) verspreiden -
Vergelijken hoe verschillende sprekers over eenzelfde onderwerp denken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie kritisch verwerken
-
Reflecteren over hoe de spreker hun standpunt beïnvloedt.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Informatie kritisch verwerken
-
Herkennen sturingsstrategieën in luistersituaties.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Het luisterproces sturen met behulp van strategieën › Sturings- en herstelstrategieën (metacognitief) bij luisteren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Sturingsstrategieën: • actualiseren van kennis en woordenschat • actief luisteren met behulp van luisterstrategieën
-
Gebruiken sturingsstrategieën in luistersituaties.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Het luisterproces sturen met behulp van strategieën › Sturings- en herstelstrategieën (metacognitief) bij luisteren
-
Herkennen herstelstrategieën bij het luisteren.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Het luisterproces sturen met behulp van strategieën › Sturings- en herstelstrategieën (metacognitief) bij luisteren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Herstelstrategieën: controle van begrip door: • vragen om herhaling • vragen om verduidelijking • vragen om tempo of volume aan te passen
-
Passen herstelstrategieën functioneel toe.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Het luisterproces sturen met behulp van strategieën › Sturings- en herstelstrategieën (metacognitief) bij luisteren
-
Tonen hun kennis van herstelstrategieën in verschillende contexten.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Het luisterproces sturen met behulp van strategieën › Sturings- en herstelstrategieën (metacognitief) bij luisteren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
• Caleb leest een moeilijk woord voor tijdens het hoekenwerk, maar hapert halverwege het woord. Hij stopt even, kijkt naar het woord, spreekt het opnieuw maar trager uit en probeert het opnieuw. • Asher legt een spel uit aan haar groepje, maar merkt dat de anderen het niet begrijpen. Ze herformuleert haar uitleg, gebruikt voorbeelden en controleert of iedereen het nu wel begrijpt. -
Beschrijven sturingsstrategieën in luistersituaties.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Het luisterproces sturen met behulp van strategieën › Sturings- en herstelstrategieën (metacognitief) bij luisteren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Sturingsstrategieën: • luisterdoel bepalen • toepassen van herstelstrategieën • controle bereiken luisterdoel • actief luisteren door toepassen van luisterstrategieën • actualiseren van kennis en woordenschat
-
Passen sturingsstrategieën toe in luistersituaties.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Het luisterproces sturen met behulp van strategieën › Sturings- en herstelstrategieën (metacognitief) bij luisteren
-
Stemmen hun manier van luisteren af op het luisterdoel.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Het luisterproces sturen met behulp van strategieën › Sturings- en herstelstrategieën (metacognitief) bij luisteren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
• Een variatie aan manieren van luisteren: globaal luisteren, intensief luisteren, kritisch luisteren, empatisch luisteren -
Tonen hun kennis van sturingsstrategieën in verschillende contexten.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Het luisterproces sturen met behulp van strategieën › Sturings- en herstelstrategieën (metacognitief) bij luisteren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
• Norah hoort de juf iets zeggen maar begrijpt het niet goed. Ze steekt haar hand op en vraagt: “Wil je het nog eens zeggen, maar trager alsjeblieft?” • Isaac zit naast een klasgenoot die iets uitlegt over een spel, maar hij verstaat het niet goed. Hij vraagt: “Wat bedoel je precies met ‘kaart omdraaien’?” -
Herkennen luisterstrategieën in luistersituaties.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Het luisterproces sturen met behulp van strategieën › Luisterstrategieën (cognitief)
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Luisterstrategieën: • voorspellen • vragen stellen • visualiseren • verbinden
-
Gebruiken luisterstrategieën in luistersituaties.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Het luisterproces sturen met behulp van strategieën › Luisterstrategieën (cognitief)
-
Beschrijven luisterstrategieën in luistersituaties.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Het luisterproces sturen met behulp van strategieën › Luisterstrategieën (cognitief)
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Luisterstrategieën: • voorspellen • vragen stellen • visualiseren • verbinden • samenvatten • afleiden
Te hanteren begrippen
voorspellen, vragen stellen, visualiseren, verbinden, samenvatten, afleiden
-
Passen luisterstrategieën toe in luistersituaties.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Het luisterproces sturen met behulp van strategieën › Luisterstrategieën (cognitief)
-
Selecteren luisterstrategieën in luistersituaties.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Het luisterproces sturen met behulp van strategieën › Luisterstrategieën (cognitief)
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Selecteren: • Wanneer de luisterstrategie inzetten? • Waarom de luisterstrategie inzetten? • Welke luisterstrategie inzetten?
-
Tonen hun kennis van luisterstrategieën in verschillende contexten.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Luisterbegrip › Het luisterproces sturen met behulp van strategieën › Luisterstrategieën (cognitief)
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
• Juf Linde toont de kleuters de kaft van het nieuwe boek dat ze gaat voorlezen. Daarop staat een grote vogel met zijn vleugel in een verband. Juf Linde vraagt de kleuters wat zij denken dat er zou kunnen gebeurd zijn met de vogel. De kleuters geven voorspellingen. Tijdens het lezen van het verhaal gaat juf Linde samen met de kleuters na of de voorspellingen overeenkomen met het verhaal. De kleuters sturen hun voorspellingen bij. • Er is een man met een blindengeleidehond naar de klas van Mika gekomen om uitleg te geven over hoe zo’n hond een blinde kan helpen. De kinderen stellen vragen om verduidelijking, of om nog meer te weten te komen. -
Herkennen factoren voor verstaanbaar spreken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Verstaanbaarheid en expressie
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Factoren voor verstaanbaar spreken: • verstaanbaar uitspreken van klanken en klankcombinaties • passend volume
-
Herkennen factoren voor verstaanbaar spreken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Verstaanbaarheid en expressie
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Factoren voor verstaanbaar spreken: • correcte uitspraak van klanken en klankcombinaties • duidelijke articulatie
-
Herkennen factoren voor verstaanbaar spreken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Verstaanbaarheid en expressie
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Factoren voor verstaanbaar spreken: • Standaardnederlands • gepaste klemtoon: zinsaccent en woordaccent • met een ondersteunende houding, passende gebaren en passende mimiek • met natuurlijkheid en emotionaliteit
-
Gebruiken hun kennis van verstaanbaar spreken bij het spreken, vertellen en presenteren.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Verstaanbaarheid en expressie
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
Spreken, vertellen en presenteren: • een verhaal vertellen • een gedicht voordragen • een mop vertellen
-
Stemmen het spreken, presenteren en vertellen af op het spreekdoel en publiek.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Verstaanbaarheid en expressie
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Afstemmen: • expressie • taalregister: formeel en informeel
Voorbeelden
Afstemmen van het spreken, presenteren en vertellen: • Yari, Matteo en Dries nemen samen een luisterverhaal op. Het is een griezelig verhaal over spoken, skeletten en geesten. Om de enge sfeer in het verhaal te brengen, lezen de jongens expressief: ze fluisteren, laten stiltes vallen, vertellen dan heel luid om het luisterpubliek te doen schrikken, krijsen om angst uit te drukken… (expressie) • Het thema van de week is ‘De aarde leeft’. In groepjes gaan de kinderen in allerlei teksten lezen over onderwerpen die bij het thema passen. Mandy en Soraya lezen een boek over een reiziger die een vulkaanuitbarsting meemaakt. Daarover maken ze een presentatie die ze gaan gebruiken in de klas. Daarbij komen vele vakspecifieke woorden aan bod. Tijdens hun presentatie leggen ze in hun eigen woorden aan de klasgenoten goed uit wat een krater, magma, lava… is. (register) -
Gebruiken expressie bij het spreken, vertellen en presenteren.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Verstaanbaarheid en expressie
-
Gebruiken een gepast register bij het spreken, vertellen en presenteren.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Verstaanbaarheid en expressie
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gepast register: • formele taal • Informele taal
-
Gebruiken non-verbale communicatie om een boodschap te ondersteunen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Verstaanbaarheid en expressie
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Non-verbale communicatie: lichaamstaal: oogcontact, lichaamshouding
-
Gebruiken non-verbale communicatie om een boodschap te ondersteunen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Verstaanbaarheid en expressie
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Non-verbale communicatie: • mimiek • intonatie • lichaamstaal: oogcontact, lichaamshouding, gebaren
-
Herkennen factoren van begrijpelijk en gepast spreken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Formulering
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Factoren van begrijpelijk en gepast spreken: • bij het onderwerp blijven
-
Herkennen factoren van begrijpelijk en gepast spreken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Formulering
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Factoren van begrijpelijk en gepast spreken: • woordkeuze • correcte zinsconstructies • samenhang
-
Herkennen factoren van begrijpelijk en gepast spreken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Formulering
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Factoren van begrijpelijk en gepast spreken: • gepaste woordkeuze • complexere zinsconstructies • ideeën, gedachten en verworven inzichten gestructureerd formuleren
-
Spreken begrijpelijk en gepast.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Formulering
-
Vertellen samenhangend over gedachten en gebeurtenissen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Formulering
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Samenhangend: • met een aanzet tot volgorde • met een aanzet tot gebruik van structuuraanduiders (verwijs- en verbindingswoorden)
-
Illustreren gestructureerd en samenhangend spreken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Formulering
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gestructureerd en samenhangend: • logische en gemakkelijk te volgen samenhang • verbanden duidelijk aangevend met gebruik van gepaste structuuraanduiders (verwijs-, signaal- en verbindingswoorden) -
Illustreren gestructureerd en samenhangend spreken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Formulering
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gestructureerd en samenhangend spreken: • logische en gemakkelijk te volgen samenhang • verbanden duidelijk aangevend met gebruik van gepaste structuuraanduiders (verwijs-, signaal- en verbindingswoorden)Te hanteren begrippen
het begin, het midden, het slot
-
Spreken gestructureerd en samenhangend.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Formulering
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gestructureerd en samenhangend: • logische en gemakkelijk te volgen samenhang • verbanden duidelijk aangevend met gebruik van gepaste structuuraanduiders (verwijs-, signaal- en verbindingswoorden) -
Reflecteren op factoren van verstaanbaar spreken in verschillende contexten.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Formulering
-
Formuleren mondeling korte zinnen met één of meer woorden.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Zinnen formuleren
-
Formuleren mondeling standaardzinnen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Zinnen formuleren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Standaardzinnen: Veel voorkomende zinnen in veel voorkomende communicatieve situaties.
Voorbeelden
Standaardzinnen: • Hoe heet jij? • Tot morgen!
-
Formuleren mondeling basiszinnen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Zinnen formuleren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Basiszinnen: • met aandacht voor eenvoudige zinsconstructies • mededelende, vragende, enkelvoudige en eenvoudig samengestelde zinnen
Voorbeelden
Basiszinnen: • Fikri maakt een tekening. • Waar is het potlood? • Ik teken een huis en daarna kleur ik het. • Ik ben moe want ik heb veel gespeeld.
-
Formuleren mondeling verschillende soorten zinnen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Zinnen formuleren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Soorten zinnen: • enkelvoudige zinnen • de mededelende zin, de vragende zin, de uitroepende zin, de ontkennende zin, de gebiedende wijs -
Formuleren mondeling verschillende soorten zinnen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Zinnen formuleren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Soorten zinnen: • enkelvoudige zinnen • samengestelde zinnen: verbanden leggen met behulp van structuuraanduiders • de mededelende zin, de vragende zin, de uitroepende zin, de ontkennende zin, de gebiedende wijs -
Formuleren mondeling verschillende soorten zinnen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Zinnen formuleren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Soorten zinnen: • enkelvoudige complexere zinnen • samengestelde zinnen: verbanden leggen met behulp van structuuraanduiders • de mededelende zin, de vragende zin, de uitroepende zin, de ontkennende zin, de gebiedende wijs -
Formuleren mondeling verschillende soorten zinnen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Vlot en vloeiend spreken › Zinnen formuleren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Soorten zinnen: • enkelvoudige complexere zinnen • samengestelde complexere zinnen: verbanden leggen met behulp van structuuraanduiders • de mededelende zin, de vragende zin, de uitroepende zin, de ontkennende zin, de gebiedende wijs -
Illustreren stappen in het spreekproces.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Spreken voorbereiden
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Stappen in het spreekproces: • spreken voorbereiden • boodschap formuleren • reviseren • presenteren • reflecteren op het spreekproces
-
Verzamelen inhoud voor hun spreektaak.*
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Spreken voorbereiden
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
Verzamelen: • Bedenken wat ze zelf al weten over het onderwerp en vullen hun kennis aan met informatie die de leerkracht aangeboden heeft. • Maken een woordenwolk of mindmap over het onderwerp waarover ze gaan spreken. *onder begeleiding -
Selecteren een teksttype die het beste bij het spreekdoel past.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Spreken voorbereiden
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
Teksttype: • een gedicht om te beschrijven hoe kleurrijke blaadjes van de boom in de herfst naar beneden dwarrelen • een interview om een klasgenoot te doen vertellen wat die zo geweldig vindt aan diens favoriete boek -
Geven de inhoud van hun spreektaak gestructureerd weer.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Spreken voorbereiden
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gestructureerd: • volgens de best passende tekststructuur bij het teksttype past
-
Verzamelen onderbouwende argumenten om hun standpunten en meningen te staven.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Spreken voorbereiden
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Standpunten en meningen: • op basis van voorkennis en vakspecifieke kennis
-
Selecteren onderbouwende argumenten om hun standpunten en meningen te staven.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Spreken voorbereiden
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Standpunten en meningen: • op basis van voorkennis en vakspecifieke kennis
-
Vertellen in een vertrouwde omgeving over een zelfgekozen onderwerp.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Boodschap formuleren
-
Vertellen begrijpelijk en samenhangend over een zelfgekozen onderwerp.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Boodschap formuleren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Vertellen: • met aandacht voor eenvoudige zinsconstructies • met een logische en gemakkelijk te volgen samenhang
-
Spreken begrijpelijk, gepast en samenhangend.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Boodschap formuleren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Spreken: • in een variatie aan teksten • voor een publiek Begrijpelijk, gepast en samenhangend: • met aandacht voor goedgekozen woorden • met aandacht voor zinsconstructies die niet complexer zijn dan nodig • met aandacht voor Standaardnederlands en zinsaccent • met een logische en gemakkelijk te volgen samenhang
-
Spreken begrijpelijk, gepast en samenhangend.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Boodschap formuleren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Spreken: • in een variatie aan teksten • voor een publiek Begrijpelijk, gepast en samenhangend: • met aandacht voor goedgekozen woorden • met aandacht voor een gepaste woordkeuze • met aandacht voor zinsconstructies die niet complexer zijn dan nodig • met aandacht voor Standaardnederlands en zinsaccent • met aandacht voor correcte inhoud in het geval van informatieve en prescriptieve teksten • met aandacht voor onderbouwing bij meningen en standpunten in een gepast register • met een logische en gemakkelijk te volgen samenhang • Verbanden duidelijk aangevend met gebruik van verwijs- en verbindingswoorden -
Spreken begrijpelijk, gepast en samenhangend.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Boodschap formuleren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Spreken: • in een variatie aan teksten • voor een publiek Begrijpelijk, gepast en samenhangend: • met aandacht voor goedgekozen woorden. • met aandacht voor een gepaste woordkeuze. • met aandacht voor complexere zinsconstructies die duidelijk zijn voor de luisteraar • met aandacht voor Standaardnederlands en zinsaccent • met aandacht voor correcte inhoud in het geval van informatieve en prescriptieve teksten • met aandacht voor onderbouwing bij meningen en standpunten • in een gepast register • met een logische en gemakkelijk te volgen samenhang • verbanden duidelijk aangevend met gebruik van verwijs- en verbindingswoorden -
Herkennen fouten bij zichzelf tijdens het spreken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Reviseren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Fouten: • fout uitgesproken klanken, woorden en zinnen juist herhalen
-
Verbeteren zichzelf tijdens het spreken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Reviseren
-
Herkennen fouten bij zichzelf tijdens het spreken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Reviseren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Fouten: • fout uitgesproken klanken, woorden en zinnen • onduidelijke articulatie
-
Verbeteren zichzelf tijdens het spreken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Reviseren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Verbeteren: • fout uitgesproken klanken, woorden en zinnen juist herhalen • de intonatie en klemtoon passend bij de gesproken tekst herhalen
-
Herkennen fouten bij zichzelf tijdens het spreken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Reviseren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Fouten: • fout uitgesproken klanken, woorden en zinnen juist herhalen • de intonatie en klemtoon passend bij de gesproken tekst herhalen • een opbouw, gedachtegang of redenering herformuleren in functie van het begrip en de samenhang -
Verbeteren zichzelf tijdens het spreken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Reviseren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Verbeteren: • fout uitgesproken klanken, woorden en zinnen juist herhalen • de intonatie en klemtoon passend bij de gesproken tekst herhalen • een opbouw, gedachtegang of redenering herformuleren in functie van het begrip en de samenhang -
Vertellen in de klas.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Presenteren en vertellen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Vertellen: • over ervaringen vanuit de eigen leefwereld en de klas- en schoolomgeving • over een plan van aanpak
-
Presenteren* aan een bekend publiek.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Presenteren en vertellen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Presenteren: • beschrijven van een voorwerp, persoon, dier of plaats • verslag uitbrengen over een ervaring of beleving • instructie geven over een plan van aanpak (uitleggen hoe je iets moet doen) • een mededeling doen * presenteren of vertellen
-
Presenteren* aan een bekend publiek.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Presenteren en vertellen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Presenteren: • verslag uitbrengen over een leeractiviteit • verzamelde informatie over een persoonlijk interesseveld uiteenzetten • een beschrijving geven • een mededeling of aankondiging doen • een anekdote vertellen • een mening formuleren * presenteren of vertellen
-
Presenteren* aan een bekend en onbekend publiek.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Presenteren en vertellen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Presenteren: • inzichten en besluit van een eerder gevoerd onderzoek delen • een mening uiteenzetten en beargumenteren • een oproep tot actievoeren • informatie, verzameld uit verschillende bronnen delen * presenteren of vertellen
-
Gebruiken hulpmiddelen bij het presenteren* wanneer die de boodschap ondersteunen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Presenteren en vertellen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Hulpmiddelen: • concreet materiaal • afbeeldingen * presenteren of vertellen
-
Gebruiken hulpmiddelen bij mondeling presenteren*.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Presenteren en vertellen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Hulpmiddelen: • concreet materiaal • afbeeldingen • digitale hulpmiddelen zoals presentatiesoftware * presenteren of vertellen
-
Reflecteren over het eigen spreekproces.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Reflecteren op het spreekproces
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Eigen spreekproces: • de formulering van de boodschap tijdens het spreken • de presentatie bij het spreken
-
Reflecteren over het eigen spreekproces.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Reflecteren op het spreekproces
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Eigen spreekproces: • de voorbereiding voor het spreken • de keuze van het teksttype in functie van de boodschap en het publiek/ de ontvanger • de formulering van de boodschap tijdens het spreken • het eventuele reviseren of verbeteren tijdens het spreken • de presentatie bij het spreken
-
Illustreren kenmerken van een spreekstijl.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Reflecteren op het spreekproces
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Kenmerken van een spreekstijl: • verstaanbaarheid • het gebruik van lichaamstaal • expressie • taalregister
-
Reflecteren over de eigen spreekstijl en die van anderen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Reflecteren op het spreekproces
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Spreekstijl: • verstaanbaarheid • het gebruik van lichaamstaal • expressie • taalregister
-
Reflecteren over de eigen spreekstijl en die van anderen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Reflecteren op het spreekproces
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Spreekstijl: • verstaanbaarheid • het gebruik van lichaamstaal • expressie • taalregister • taalgebruik: complexiteit van zinnen, rijkdom van de woordenschat, breedvoerig of beknopt -
Reflecteren over de boodschap van de spreker(s).
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Spreken, presenteren en vertellen › Spreekproces sturen met behulp van strategieën › Reflecteren op het spreekproces
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Reflecteren: Gebruik makend van gespreksstrategieën: • zich relevante zaken afvragen en vragen stellen • verbindingen zoeken tussen wat deelnemers zeggen
-
Voeren gesprekken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Variatie aan mondelinge interactievormen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gesprekken: mondelinge interactievormen • rechtstreeks aansluitend bij de plaats, tijd en situatie waarin ze plaatsvinden • los van de zichtbare werkelijkheid
Voorbeelden
Gesprekken: • De kleuters bekijken samen met de leerkracht een apparaat (technisch systeem) en bespreken hoe het zou kunnen werken. (plaats, tijd en situatie) • Jonas vertelt over een bezoek dat hij samen met zijn ouders bracht aan hun grootouders in het rusthuis. (los van de zichtbare werkelijkheid) -
Participeren aan gesprekken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Variatie aan mondelinge interactievormen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Participeren: • doelgericht luisteren, spreken en non-verbaal reageren in het gesprek Gesprekken: mondelinge interactievormen • kringgesprek • onderwijsleergesprek • gesprek om informatie te geven of te vragen • dialoog • gesprekken in kleine groepen
-
Participeren aan gesprekken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Variatie aan mondelinge interactievormen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Participeren: • doelgericht luisteren, spreken en non-verbaal reageren in het gesprek Gesprekken: mondelinge interactievormen • onderwijsleergesprek • gesprek om informatie te geven of te vragen • dialoog • groepsgesprek • discussie
-
Participeren aan gesprekken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Variatie aan mondelinge interactievormen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Participeren: • Doelgericht en genuanceerd luisteren, spreken en non-verbaal reageren in het gesprek Gesprekken: mondelinge interactievormen • onderwijsleergesprek • gesprek om informatie te geven of te vragen • dialoog • groepsgesprek • discussie
-
Gaan met elkaar in gesprek om te onderhandelen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Deelnemen aan discussie en overleg
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Onderhandelen: • over het plan van aanpak bij een groepsactiviteit • over de oplossingsstrategie bij problemen
-
Gaan met elkaar in gesprek om te onderhandelen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Deelnemen aan discussie en overleg
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Onderhandelen: • over het plan van aanpak bij een groepsactiviteit • over de taakverdeling bij een groepsactiviteit • over de oplossingsstrategie bij problemen
-
Gaan met elkaar in gesprek om afspraken te maken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Deelnemen aan discussie en overleg
-
Voeren probleemoplossende gesprekken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Deelnemen aan discussie en overleg
-
Geven in een gesprek argumenten om de eigen mening te staven en een andere mening te ontkrachten.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Deelnemen aan discussie en overleg
-
Gebruiken vragen in een discussie om verduidelijking van de standpunten te krijgen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Deelnemen aan discussie en overleg
-
Vergelijken in een discussie argumenten en tegenargumenten.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Deelnemen aan discussie en overleg
-
Formuleren een conclusie bij een discussie.*
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Deelnemen aan discussie en overleg
-
Sturen in een discussie argumenten, het eigen standpunt of de eigen mening bij.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Deelnemen aan discussie en overleg
-
Geven in een discussie argumenten om de overtuiging van de anderen te veranderen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Deelnemen aan discussie en overleg
-
Participeren spontaan aan gesprekken om persoonlijke ervaringen uit te wisselen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Informatie uitwisselen
-
Gebruiken in een gesprek vraagzinnen om hulp te vragen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Informatie uitwisselen
-
Gebruiken in een gesprek vragen om de gewenste informatie te bekomen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Informatie uitwisselen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Informatie: • een behandeld onderwerp binnen de verschillende leergebieden Vraagsoorten: • gesloten vragen • open vragen
-
Gebruiken in een gesprek vragen om de gewenste informatie te bekomen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Informatie uitwisselen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Informatie: • een behandeld onderwerp binnen de verschillende leergebieden Vraagsoorten: • gesloten vragen • open vragen • meerkeuzevragen
-
Gebruiken in een gesprek verschillende vraagsoorten om informatie in te winnen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Informatie uitwisselen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Vraagsoorten: • gesloten vragen • open vragen • reflectieve vragen
-
Gebruiken in een gesprek verschillende vraagsoorten om informatie in te winnen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Informatie uitwisselen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Vraagsoorten: • kritische vragen • hypothetische vragen • controlevragen
-
Tonen hun kennis over het stellen van vragen in verschillende contexten.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Informatie uitwisselen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
• Ezra bladert in een informatief boek over vulkanen en zegt: “Hoe ontstaat lava eigenlijk?” • Micah bouwt samen met klasgenoten een bouwwerk voor een project en vraagt: “Wie wil de toren bouwen en wie maakt de brug?” -
Gebruiken gerichte vragen om de gewenste informatie te bekomen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Informatie uitwisselen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gerichte vragen: • aan leeftijdsgenoten en bekende volwassenen
-
Gebruiken vragen in een gesprek om meer informatie te winnen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Informatie uitwisselen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gebruiken: • stellen van vragen en verder doorvragen
-
Gaan met elkaar in gesprek om gedachten uit te wisselen.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Informatie uitwisselen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
Gedachten uitwisselen: • over eigen werk, groepsactiviteiten, (voor)gelezen boeken, actualiteit, media
-
Gaan met elkaar in gesprek over hun eigen en elkaars mening.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Informatie uitwisselen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
Eigen en elkaars mening: • over eigen werk, over andermans werk, ervaringen bij leeractiviteiten, gelezen boeken, actualiteit, media -
Herkennen feiten en meningen in gesprekssituaties.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Informatie uitwisselen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Te hanteren begrippen
de mening, het feit
-
Onderscheiden feiten en meningen in gesprekssituaties.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Informatie uitwisselen
-
Participeren actief aan een gesprek.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Actief: • de blik gericht houden op de gesprekspartners • non-verbaal reageren • verbaal reageren
-
Zetten een volgehouden aandachtspanne in bij het voeren van gesprekken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
-
Gebruiken standaardzinnen, basiszinnen en vraagzinnen in een gesprek.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Standaardzinnen, basiszinnen en vraagzinnen: • bij het groeten • bij het aanspreken • bij het bedanken • bij vragen
Voorbeelden
Groeten: • Goeiemorgen juf/meester. • Tot morgen juf/meester. Aanspreken: • Dag meneer/mevrouw directeur, dit is voor u. • Yoshi, mag ik met jou meespelen? Bedanken: • Dankjewel, Lize. • Dat is lief, dankjewel. Vragen: • Wie weet dat? • Hoe doe je dat?
-
Herkennen gespreksconventies.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gespreksconventies: • op een gepaste manier het woord nemen of vragen • elkaar laten uitspreken
-
Gebruiken gespreksconventies.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gespreksconventies: • op een gepaste manier het woord nemen of vragen • elkaar laten uitspreken
-
Herkennen gespreksconventies.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gespreksconventies: • inspelen op wat anderen zeggen
-
Gebruiken gespreksconventies.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gespreksconventies: • inspelen op wat anderen zeggen
-
Illustreren gespreksconventies.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gespreksconventies: • elkaar laten uitspreken • op een gepaste manier het woord vragen of nemen • inspelen op de inbreng van de gesprekspartner • elkaars inbreng waarderen
-
Passen gespreksconventies toe.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gespreksconventies: • elkaar laten uitspreken • op een gepaste manier het woord vragen of nemen • inspelen op de inbreng van de gesprekspartner • elkaars inbreng waarderen
-
Voeren samenhangende gesprekken die ze gaande houden door in te spelen op de inbreng van de ander.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Inspelen op de inbreng van de ander: • antwoorden in volzinnen op vragen • brengen argumenten, meningen en nieuwe informatie in die aansluiten bij het gespreksonderwerp. -
Houden in een gesprek de gesprekslijn vast.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
-
Passen de rol van gespreksleider toe.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Rol van de gespreksleider: • rekening houdend met beurtwisseling
-
Voeren samenhangende gesprekken die ze gaande houden door in te spelen op de inbreng van de ander.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Inspelen op de inbreng van de ander: • bouwen verder op andermans ideeën • bevragen argumenten die aansluiten bij het gespreksonderwerp • nuanceren argumenten die aansluiten bij het gespreksonderwerp • legen verbanden tussen verschillende standpunten • komen tot een conclusie* *met ondersteuning
-
Illustreren het passend afronden van een gesprek.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
Passend afronden van een gesprek: • het gesprek samenvatten, waardering uiten, vooruitblikken, een reflectie geven
-
Ronden een gesprek passend af.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
-
Houden rekening met wat gesprekspartners weten.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
Rekening houden met wat gesprekspartners weten: • Niet nodeloos herhalen van informatie die al gekend of geweten is, iedereen weet dat de school niet open is op zaterdag en zondag. • Geven aanvullende informatie die nodig is om het gesprek te volgen, leggen uit dat een ‘glitch’ een fout of storing in een computerspel is. -
Stemmen luister- en spreekstijl af op verschillende situaties.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Spreekstijlen: • formeel en informeel taalgebruik • spreektempo, volume en woordgebruik aangepast aan het publiek
-
Tonen open te staan voor elkaars meningen en standpunten.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
-
Reageren gepast als de gesprekspartner anders reageert of denkt.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gepast: • aanvaarden dat de ander anders reageert dan verwacht • de ander de vrijheid gunnen om de vragen, onderwerpen… aan te nemen, te weigeren of te twijfelen -
Reflecteren over de gespreksconventies die ze gebruikt hebben.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
-
Reflecteren over gevoerde gesprekken.
Nederlands › Mondeling taalgebruik › Mondelinge interactievaardigheden › Gespreksconventies
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
Reflecteren over: • Wat ging er goed in het gesprek? • Wat zou je anders doen de volgende keer? • Op welke manier liet je merken dat je de ander begreep? • Heb je je mening duidelijk kunnen overbrengen? • Was mijn uitleg duidelijk voor de ander? Hoe weet ik dat? • Waren mijn argumenten sterk genoeg, en hoe had ik die nog sterker kunnen maken? • Hoe heb ik mijn non-verbale communicatie ingezet om het gesprek te ondersteunen?