Leerplannen Leerplandoelen
Leerjaar
Verwerkingsaspect

53 doelen

CSV downloaden filters wissen

vak: LO ✕ Natuurlijke basisbewegingen (B) ✕

  1. LO.103 Gebruiken K1 KO 7.1.1; KO 7.1.2

    Verplaatsen zich door te stappen en te lopen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Stappen en lopen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Stappen en lopen:
    • op verschillende manieren
    • in verschillende richtingen
    • zonder en met voorwerpen
    • zonder en met hindernissen
  2. LO.104 Gebruiken K2 K3 L1 L2 KO 7.1.1; KO 7.1.2; L4 7.1.2; L4 7.1.3

    Verplaatsen zich door te stappen en te lopen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Stappen en lopen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Stappen en lopen:
    • op verschillende manieren
    • in verschillende richtingen
    • zonder en met voorwerpen
    • zonder en met hindernissen

    Te hanteren begrippen

    stappen, lopen

    Voorbeelden

    Stappen en lopen:
    • lopen als een muis, lopen als een olifant.
    • Achterwaarts stappen met een pittenzakje op het hoofd.
    • Gehurkt stappen rond kegels.
  3. LO.105 Gebruiken L3 L4 L5 L6 L4 7.1.2; L4 7.1.3; L6 7.1.1; L6 7.1.2

    Verplaatsen zich door te stappen en te lopen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Stappen en lopen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Stappen en lopen:
    • op verschillende manieren
    • in verschillende richtingen
    • zonder en met voorwerpen
    • zonder en met hindernissen
    • aanpassing van loophouding en – tempo aan de afstand

    Voorbeelden

    • Julius probeert zich te verplaatsen met stelten. Hij zet voorzichtig één voet voor de
        andere en houdt zijn evenwicht terwijl hij vooruit stapt.
    • Esra sprint zo snel mogelijk naar de overkant van het veld wanneer de juf het
        startsein geeft, waarbij ze haar paslengte en snelheid aanpast aan de afstand.
  4. LO.106 Gebruiken K1 KO 7.1.1; KO 7.1.2

    Verplaatsen zich door te sluipen en te kruipen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Sluipen en kruipen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Sluipen en kruipen:
    • op verschillende manieren
    • in verschillende richtingen
    • zonder voorwerpen
    • zonder en met hindernissen
  5. LO.107 Gebruiken K2 K3 KO 7.1.1; KO 7.1.2

    Verplaatsen zich door te sluipen en te kruipen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Sluipen en kruipen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Sluipen en kruipen:
    • op verschillende manieren
    • in verschillende richtingen
    • zonder voorwerpen
    • zonder en met hindernissen

    Te hanteren begrippen

    sluipen, kruipen
  6. LO.108 Gebruiken L1 L2 L3 L4 L5 L6 L4 7.1.2; L4 7.1.3; L6 7.1.1; L6 7.1.2

    Verplaatsen zich door te sluipen en te kruipen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Sluipen en kruipen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Sluipen en kruipen:
    • op verschillende manieren
    • in verschillende richtingen
    • zonder en met voorwerpen
    • zonder en met hindernissen

    Voorbeelden

    • Stella moet zich kruipend door een smalle tunnel verplaatsen. Eerst gaat ze
        voorwaarts, maar zodra de tunnel lager wordt, draait ze zich op haar rug en schuift
        achteruit verder.
    • Lorenzo kruipt onder een lage tafel door tijdens het hindernisparcours. Hij houdt
        hierbij een balletje vast dat hij later in de emmer moet gooien.
  7. LO.109 Gebruiken K1 K2 KO 7.1.1; KO 7.1.2

    Verplaatsen zich door te klauteren.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Klimmen en klauteren

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Klauteren:
    • op verschillende manieren
    • in verschillende richtingen
    • zonder voorwerpen
    • zonder en met hindernissen
  8. LO.110 Gebruiken K3 L1 L2 L3 L4 L5 L6 KO 7.1.1; KO 7.1.2; L4 7.1.2; L4 7.1.3; L6 7.1.1; L6 7.1.2

    Verplaatsen zich door te klauteren.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Klimmen en klauteren

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Klauteren:
    • op verschillende manieren
    • in verschillende richtingen
    • zonder en met voorwerpen
    • zonder en met hindernissen
    • op een hellend vlak of toestel, met voldoende grip en steun

    Te hanteren begrippen

    klauteren
  9. LO.111 Gebruiken K2 K3 KO 7.1.1; KO 7.1.2

    Verplaatsen zich door te klimmen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Klimmen en klauteren

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Klimmen:
    • op een stabiel vlak of toestel
    • met veilige afdaling

    Te hanteren begrippen

    klimmen

    Voorbeelden

    Tijmen klimt op het sportraam of op een speeltuig.
  10. LO.112 Gebruiken L1 L2 L3 L4 L5 L6 L4 7.1.2; L4 7.1.3; L6 7.1.1; L6 7.1.2

    Verplaatsen zich door te klimmen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Klimmen en klauteren

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Klimmen:
    • op een stabiel vlak of toestel
    • op een onstabiel vlak of toestel
    • met veilige afdaling
    • in verschillende richtingen

    Voorbeelden

    Nola klimt op een touwladder.
  11. LO.113 Gebruiken L5 L6 L6 7.1.1; L6 7.1.2

    Verplaatsen zich door te klimmen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Klimmen en klauteren

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Klimmen:
    • op een klimtouw of paal
    • met voldoende grip en steun klimmen
    • met veilige afdaling
  12. LO.114 Gebruiken K1 K2 K3 L1 KO 7.1.1; KO 7.1.2; L4 7.1.2; L4 7.1.3

    Staan met behoud van evenwicht op één voet.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Balanceren

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Voet:
    de voorkeursvoet en de niet voorkeursvoet
  13. LO.115 Gebruiken K1 KO 7.1.1; KO 7.1.2

    Balanceren.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Balanceren

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Balanceren:
    • al staande
    • in verplaatsing
    • met behoud van evenwicht
    • op een breed, stabiel vlak

    Voorbeelden

    Andrie stapt op de Zweedse bank.
  14. LO.116 Gebruiken K2 K3 L1 L2 L3 L4 L5 L6 KO 7.1.1; KO 7.1.2; L4 7.1.2; L4 7.1.3; L6 7.1.1; L6 7.1.2

    Balanceren.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Balanceren

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Balanceren:
    • al staande
    • in verplaatsing
    • met behoud van evenwicht
    • op een breed, stabiel vlak
    • op een smal, stabiel vlak
    • op een onstabiel vlak
    • op een hellend vlak
    • op verschillende manieren
    • in verschillende richtingen
    • zonder en met voorwerpen
  15. LO.117 Gebruiken L3 L4 L4 7.1.2; L4 7.1.3

    Voeren een beweging of houding in balans uit.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Balanceren

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Uitvoeren:
    met twee of meerderen
    op een stabiel vlak

    Voorbeelden

    Ben doet een uitvoering op de Zweedse bank.
  16. LO.118 Gebruiken L5 L6 L6 7.1.1; L6 7.1.2

    Voeren een beweging of houding in balans uit.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Balanceren

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Uitvoeren:
    met twee of meerderen
    op een onstabiel of smal vlak

    Voorbeelden

    Tijdens de bewegingsles bouwen de kinderen uit Wesley zijn klas een menselijke
    piramide.
  17. LO.119 Gebruiken K1 KO 7.1.1; KO 7.1.2

    Verplaatsen zich door te glijden.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Rijden en glijden

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Glijden:
    • met behoud van evenwicht
    • op verschillende manieren
    • met de voeten eerst
  18. LO.120 Gebruiken K2 KO 7.1.1; KO 7.1.2

    Verplaatsen zich door te glijden.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Rijden en glijden

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Glijden:
    • met behoud van evenwicht
    • op verschillende manieren
    • met de voeten eerst

    Te hanteren begrippen

    glijden

    Voorbeelden

    Bieke glijdt van een glijbaan op de buik.
  19. LO.121 Gebruiken K3 L1 L2 KO 7.1.1; KO 7.1.2; L4 7.1.2; L4 7.1.3

    Verplaatsen zich door te glijden.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Rijden en glijden

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Glijden:
    • met behoud van evenwicht
    • op verschillende manieren
    • met de voeten eerst
    • zonder en met partner
    • zonder en met voorwerpen
  20. LO.122 Gebruiken L3 L4 L4 7.1.2; L4 7.1.3

    Verplaatsen zich door te glijden.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Rijden en glijden

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Glijden:
    • met behoud van evenwicht
    • op verschillende manieren
    • met de voeten eerst of met het hoofd eerst
    • zonder en met partner
    • zonder en met voorwerpen
  21. LO.123 Gebruiken K1 K2 K3 L1 L2 L3 L4 L5 L6 KO 7.1.1; KO 7.1.2; L6 7.1.1; L6 7.1.2

    Verplaatsen zich of een medeleerling door te glijden of te rijden.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Rijden en glijden

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Glijden/rijden:
    • behendig en veilig
    • met rollend of glijdend materiaal
  22. LO.124 Gebruiken K1 K2 GO!-doel

    Oefenen hun stuurvaardigheid als fietser.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Rijden en glijden

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Stuurvaardigheid als fietser:
    • met de loopfiets
    • opstappen en vertrekken
    • rechtdoor rijden tussen een smalle strook
    • benen omhoog zwaaien en evenwicht behouden
    • over een turnmat rijden
    • slalommen
    • stoppen
  23. LO.125 Gebruiken K3 L1 GO!-doel

    Oefenen hun stuurvaardigheid als fietser.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Rijden en glijden

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Stuurvaardigheid als fietser:
    • met de fiets aan de hand stappen
    • opstappen en vertrekken
    • rechtdoor rijden
    • over een oneffen terrein rijden
    • evenwicht houden/traag rijden
    • slalommen
    • remmen
    • stoppen en afstappen
  24. LO.126 Gebruiken L2 L3 L4 GO!-doel

    Oefenen hun stuurvaardigheid als fietser.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Rijden en glijden

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Stuurvaardigheid als fietser:
    • omkijken over de linker-en rechterschouder en daarbij de koers blijven houden
    • arm uitsteken
    • bocht nemen
    • in een cirkel rijden
    • rekening houden met de voetgangers op een zebrapad
    • rekening houden met passagiers die uitstappen
    • rekening houden met tegen- en achterliggers
    • veilig inhalen
    • onvoorzien remmen
    • fietsen tot aan een zebrapad, afstappen en te voet oversteken
    • over oneffen terrein rijden
    • slalommen op korte afstand
  25. LO.127 Gebruiken L5 L6 GO!-doel

    Oefenen hun stuurvaardigheid als fietser.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Rijden en glijden

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Stuurvaardigheid als fietser:
    • rechts en links afslaan
    • langs een hindernis fietsen
    • voorrang verlenen
    • kruispunt met een agent oversteken
    • kruispunt met verkeersborden en wegmarkeringen oversteken
    • fietsen op een rotonde zonder fietspad
    • oversteken aan verkeerslichten
    • oversteken op een fietsoversteekplaats
    • oversteken aan een overweg
    • fietsen in groep en hierbij onderling communiceren
    • fietsen in groep: ritsen
    • fietsen in groep: compact rijden
    • bevelen agent opvolgen
  26. LO.128 Gebruiken K2 K3 L1 KO 7.1.1; KO 7.1.2; L4 7.1.2; L4 7.1.3

    Verplaatsen zich door te huppen en hinken.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Springen en landen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    Te hanteren begrippen

    huppen, hinken

    Voorbeelden

    Sami hupt als een kikker.
  27. LO.129 Gebruiken K3 L1 L2 KO 7.1.1; KO 7.1.2; L4 7.1.2; L4 7.1.3

    Verplaatsen zich door te huppelen en hinkelen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Springen en landen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    Te hanteren begrippen

    huppelen, hinkelen
  28. LO.130 Gebruiken K3 L1 L2 L3 L4 L5 L6 L4 7.1.2; L4 7.1.3; L6 7.1.1; L6 7.1.2

    Verplaatsen zich met loopsprongen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Springen en landen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Loopsprongen:
    over lage hindernissen springen en gelijkmatig doorlopen (hindernislopen)
  29. LO.131 Gebruiken K1 K2 K3 KO 7.1.1; KO 7.1.2

    Verplaatsen zich door te springen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Springen en landen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Springen:
    • vrije sprongen
    • voorwaarts of zijwaarts
    • met landing in evenwicht
  30. LO.132 Gebruiken K2 K3 L1 L2 L3 L4 KO 7.1.1; KO 7.1.2; L4 7.1.2; L4 7.1.3

    Verplaatsen zich door te springen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Springen en landen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Springen:
    • van een verhoogd vlak (dieptesprong)
    • met landing in evenwicht

    Te hanteren begrippen

    springen
  31. LO.133 Gebruiken L1 L2 L3 L4 L5 L6 L4 7.1.2; L4 7.1.3; L6 7.1.1; L6 7.1.2

    Verplaatsen zich door te springen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Springen en landen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Springen:
    • vrije sprongen
    • met verend afzetmateriaal
    • met landing in evenwicht
  32. LO.134 Gebruiken K2 K3 L1 L2 L3 L4 KO 7.1.1; KO 7.1.2; L4 7.1.2; L4 7.1.3

    Verplaatsen zich door te springen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Springen en landen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Springen:
    • over een hindernis
    • zonder handensteun
    • met landing in evenwicht
  33. LO.135 Gebruiken L3 L4 L5 L6 L4 7.1.2; L4 7.1.3; L6 7.1.1; L6 7.1.2

    Verplaatsen zich door te springen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Springen en landen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Springen:
    • zo hoog of zo ver mogelijk
    • aanloop, afzet, zweeffase en landing
  34. LO.136 Gebruiken K1 K2 K3 L1 KO 7.1.1; KO 7.1.2; L4 7.1.2; L4 7.1.3

    Verplaatsen zich door te springen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Springen en landen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Springen:
    • steunsprongen
    • over de grond

    Voorbeelden

    Moniek springt als een konijn.
  35. LO.137 Gebruiken L1 L2 L4 7.1.2; L4 7.1.3

    Verplaatsen zich door te springen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Springen en landen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Springen:
    • hurksprong, wendsprong of spreidsprong
    • over een hindernis, medeleerling of toestel
    • met handensteun
    • met landing in evenwicht
  36. LO.138 Gebruiken L3 L4 L5 L6 L4 7.1.2; L4 7.1.3; L6 7.1.1; L6 7.1.2

    Verplaatsen zich door te springen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Springen en landen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Springen:
    • hurksprong, wendsprong of spreidsprong
    • over een hindernis, medeleerling of toestel
    • met handensteun
    • met en zonder verend afzetmateriaal
    • met landing in evenwicht
  37. LO.139 Gebruiken K1 K2 K3 L1 L2 KO 7.1.1; KO 7.1.2; L4 7.1.2; L4 7.1.3

    Springen over een over de grond bewegend touw.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Springen en landen

  38. LO.140 Gebruiken L1 L2 L4 7.1.2; L4 7.1.3

    Springen in een touw.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Springen en landen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Touw:
    zelf ronddraaien

    Te hanteren begrippen

    touwspringen
  39. LO.141 Gebruiken L3 L4 L5 L6 L4 7.1.2; L4 7.1.3; L6 7.1.1; L6 7.1.2

    Springen in een touw.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Springen en landen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Touw:
    • zelf ronddraaien
    • anderen draaien rond
    
    Springen:
    • in wisselend tempo
    • in wisselende uitvoering

    Voorbeelden

    • Tijdens de les draait Sjoerd zelf een springtouw rond en springt in twee tijden, met
        een kleine tussensprong tussen elke grote sprong.
    • Jaylinn springt in een lang touw. Eerst doet ze rustige sprongen, maar als de
        draaiers het tempo verhogen, versnelt ze haar sprongen om bij te blijven.
  40. LO.142 Gebruiken K2 K3 KO 7.1.1; KO 7.1.2

    Dragen al hangend het eigen lichaamsgewicht.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Zwieren en zwaaien

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Hangen:
    • in verschillende hangposities
    • verticaal en rechtop

    Te hanteren begrippen

    hangen

    Voorbeelden

    Jonah hangt aan het klimrek.
  41. LO.143 Gebruiken L1 L2 L4 7.1.2; L4 7.1.3

    Dragen al hangend het eigen lichaamsgewicht.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Zwieren en zwaaien

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Hangen:
    • in verschillende hangposities.
    • verticaal, rechtop en omgekeerd (apenhang, kniehang)
  42. LO.144 Gebruiken L3 L4 L5 L6 L4 7.1.2; L4 7.1.3; L6 7.1.1; L6 7.1.2

    Verplaatsen zich vanuit een hangpositie.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Zwieren en zwaaien

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Zwieren:
    • van stang/ring naar stang/ring zich horizontaal verplaatsen
    • van stang/ring naar stang/ring zich verticaal verplaatsen
    • slingeren aan één of twee touwen en in evenwicht landen

    Te hanteren begrippen

    slingeren, zwaaien, zwieren
  43. LO.145 Gebruiken K1 KO 7.1.1; KO 7.1.2

    Schommelen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Zwieren en zwaaien

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Schommelen:
    • zittend
    • op een schommelplank
    • met hulp van anderen
  44. LO.146 Gebruiken K2 K3 KO 7.1.1; KO 7.1.2

    Schommelen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Zwieren en zwaaien

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    • zittend
    • op een schommelplank of een knop
    • van met hulp van anderen naar zelfstandig

    Te hanteren begrippen

    schommelen
  45. LO.147 Gebruiken L1 L2 L4 7.1.2; L4 7.1.3

    Schommelen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Zwieren en zwaaien

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Schommelen:
    • zittend en staand
    • op een schommelplank of een knop
    • zonder hulp van anderen
  46. LO.148 Gebruiken K1 KO 7.1.1; KO 7.1.2

    Verplaatsen zich door te rollen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Roteren

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Rollen:
    • langs de lengte-as op een hellend vlak van hoog naar laag
    • langs de lengte-as op een horizontaal vlak
  47. LO.149 Gebruiken K2 K3 L1 KO 7.1.1; KO 7.1.2; L4 7.1.2; L4 7.1.3

    Verplaatsen zich door te rollen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Roteren

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Rollen:
    • langs de lengte-as op een hellend vlak van hoog naar laag
    • langs de lengte-as op een horizontaal vlak

    Te hanteren begrippen

    rollen
  48. LO.150 Gebruiken K1 K2 K3 KO 7.1.1; KO 7.1.2

    Verplaatsen zich door te rollen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Roteren

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Rollen:
    • voorwaartse rol (langs de breedte as)
    • op een hellend vlak van hoog naar laag
  49. LO.151 Gebruiken L1 L2 L3 L4 L4 7.1.2; L4 7.1.3

    Verplaatsen zich door te rollen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Roteren

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Rollen:
    • voorwaartse of achterwaartse rol (langs de breedte as)
    • op een hellend vlak van hoog naar laag
    • op een horizontaal vlak

    Te hanteren begrippen

    de voorwaartse rol, de achterwaartse rol
  50. LO.152 Gebruiken L1 L2 L3 L4 L5 L6 L4 7.1.2; L4 7.1.3; L6 7.1.1; L6 7.1.2

    Verplaatsen zich door te draaien rond hun breedte as.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Roteren

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Draaien:
    • voorwaarts aan een toestel
    • achterwaarts aan een toestel
  51. LO.153 Gebruiken L4 L5 L6 L4 7.1.2; L4 7.1.3; L6 7.1.1; L6 7.1.2

    Verplaatsen zich door te draaien rond hun diepte as.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Roteren

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Draaien:
    de radslag
  52. LO.154 Gebruiken L5 L6 L6 7.1.1; L6 7.1.2

    Verplaatsen zich door te rollen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Roteren

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Rollen:
    varianten van een voorwaartse rol
  53. LO.155 Gebruiken L3 L4 L5 L6 L4 7.1.2; L4 7.1.3; L6 7.1.1; L6 7.1.2

    Voeren een handenstand uit.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Omgekeerde houdingen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Uitvoeren:
    met hulp van anderen of een verticaal steunvlak

    Te hanteren begrippen

    de handenstand