LO.108
Gebruiken
L1
L2
L3
L4
L5
L6
Verplaatsen zich door te sluipen en te kruipen.
Lichamelijke opvoeding › Lichamelijke opvoeding › Natuurlijke basisbewegingen (B) › Sluipen en kruipen
- Leeftijd
- 6-7,7-8,8-9,9-10,10-11,11-12 jaar
- Handelingswerkwoord
- Verplaatsen
- Verwerkingsaspect
- Gebruiken — procedurele kennis — weten hoe
- Minimumdoelen
- L4 7.1.2; L4 7.1.3; L6 7.1.1; L6 7.1.2
- In de PDF
- pagina 26,27
Leerlijn
Verplaatsen zich door te sluipen en te kruipen.
MIA
Sluipen en kruipen:
• op verschillende manieren
• in verschillende richtingen
• zonder en met voorwerpen
• zonder en met hindernissen
Voorbeelden
• Stella moet zich kruipend door een smalle tunnel verplaatsen. Eerst gaat ze
voorwaarts, maar zodra de tunnel lager wordt, draait ze zich op haar rug en schuift
achteruit verder.
• Lorenzo kruipt onder een lage tafel door tijdens het hindernisparcours. Hij houdt
hierbij een balletje vast dat hij later in de emmer moet gooien.