27 doelen
-
Herkennen ruimtelijke relaties tussen objecten.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Ruimtelijke relaties
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Te hanteren begrippen
op, onder, boven, ver, dicht, voor, achter
-
Beschrijven ruimtelijke relaties tussen objecten.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Ruimtelijke relaties
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Te hanteren begrippen
in, erop, uit, naast, hoog, laag, tussen, binnen, buiten, tegen, naar boven, naar beneden, omhoog, omlaag, vooruit, achteruit
-
Verwoorden wat binnen en buiten het gezichtsveld ligt.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Ruimtelijke relaties
-
Verwoorden wat ze zien vanuit een ander gezichtspunt.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Ruimtelijke relaties
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Ander gezichtspunt: door zich te verplaatsen
Voorbeelden
• Mieke zegt: “Als ik achter het konijn sta, dan zie ik de staart van het konijn, als ik voor het konijn sta zie ik de kop van het konijn.” • Lina zegt: “Nu zit ik hier en ik zie een grijze doos, een bal en een bruine doos. Janne zit aan de andere kant waar ik zat en ziet nu een bruine doos, een bal en grijze doos.” -
Beschrijven ruimtelijke relaties tussen objecten.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Ruimtelijke relaties
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Beschrijven: • in de werkelijkheid • op een afbeelding
Te hanteren begrippen
erboven, eronder, ervoor, erachter, vooraan, achteraan, voorste, achterste, bovenaan, onderaan, bovenste, onderste, dicht(er)bij, ver(der)af, tegenover, naar mij toe, van mij weg, recht naar, schuin naar, opzij, midden, links, rechts
Voorbeelden
• Theo zegt: “Ik sta dicht bij Luca.” • Luca zegt: “Ik leg de bal op de bovenste plank.
-
Beschrijven ruimtelijke relaties tussen objecten.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Ruimtelijke relaties
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Te hanteren begrippen
dichtstbij, verst, links, rechts, linkerkant, rechterkant, linkerzijde, rechterzijde, linksonder, rechtsonder
Voorbeelden
• Lowie zegt: “Aan mijn linkerzijde staat Lotte.” • Jelle zegt: “De meester staat rechts van het bord.”
-
Beschrijven wat ze zien vanuit een ander gezichtspunt.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Ruimtelijke relaties
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Beschrijven: • in de werkelijkheid • op een afbeelding
Voorbeelden
• Stibe zegt: “Jorin zit aan de rechterkant van Elif.” • Mika zegt: “Sofie ziet een grijze doos, een bal en een bruine doos.”
-
Situeren zichzelf, personen en objecten.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Ruimtelijke relaties
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Situeren: op basis van positie, afstand en richting ten opzichte van zichzelf en elkaar
-
Verwoorden de elementen die een rol spelen bij het al dan niet kunnen zien van iets of iemand als er een obstakel in het gezichtsveld staat.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Ruimtelijke relaties
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Elementen die een rol spelen: • afstand van zichzelf tot het obstakel • afstand van iets of iemand tot het obstakel • hoogte van zichzelf, het obstakel, iets of iemand
-
Verwoorden dat de breedte van hun gezichtsveld bepaalt wat ze kunnen zien.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Ruimtelijke relaties
-
Bepalen wat iemand vanop een bepaalde locatie kan zien.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Ruimtelijke relaties
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Bepalen: door middel van kijklijnen • op een foto • op een tekening • op een plattegrond
Te hanteren begrippen
de kijklijn
-
Bepalen de plaats van de waarnemer.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Ruimtelijke relaties
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Bepalen: door middel van kijklijnen • op een foto • op een tekening • op een plattegrond
-
Herkennen aanzichten van een object.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Blokkenbouwsels
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Aanzichten: voorkant, achterkant, zijkant, onderkant, bovenkant
-
Beschrijven aanzichten van een object.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Blokkenbouwsels
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Te hanteren begrippen
de voorkant, de achterkant, de zijkant, de onderkant, de bovenkant
-
Voeren constructies uit.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Blokkenbouwsels
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Uitvoeren: • op basis van verbale instructies • op basis van voorschriften op foto’s • op basis van voorschriften op tekeningen
Voorbeelden
Celeste volgt een stappenplan om met blokken een toren na te bouwen.
-
Beschrijven aanzichten van een blokkenbouwsel.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Blokkenbouwsels
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Aanzichten: vooraanzicht, zijaanzicht, bovenaanzicht Beschrijven: • 3D • 2D
Te hanteren begrippen
het vooraanzicht, het zijaanzicht, het bovenaanzicht, het standpunt
-
Tekenen aanzichten van een blokkenbouwsel.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Blokkenbouwsels
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Aanzichten: vooraanzicht, zijaanzicht, bovenaanzicht Tekenen: • 2D op ruitjespapier
-
Beschrijven aanzichten van een blokkenbouwsel.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Blokkenbouwsels
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Aanzichten: vooraanzicht, zijaanzicht, bovenaanzicht, rechterzijaanzicht, linkerzijaanzicht Beschrijven: • 3D • 2D
Te hanteren begrippen
het rechterzijaanzicht, het linkerzijaanzicht
-
Beschrijven aanzichten van een blokkenbouwsel.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Blokkenbouwsels
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Aanzichten: vooraanzicht, zijaanzicht, bovenaanzicht, rechterzijaanzicht, linkerzijaanzicht, achteraanzicht Beschrijven: 2D
Te hanteren begrippen
het achteraanzicht
-
Tekenen aanzichten van een blokkenbouwsel.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Blokkenbouwsels
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Aanzichten: vooraanzicht, bovenaanzicht, rechterzijaanzicht, linkerzijaanzicht Tekenen: 2D op ruitjespapier
-
Tekenen het grondplan van een blokkenbouwsel.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Blokkenbouwsels
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Tekenen: op ruitjespapier
-
Construeren een blokkenbouwsel aan de hand van een grondplan.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Blokkenbouwsels
-
Lezen de coördinaten van een object.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Coördinaten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Coördinaten: • één coördinaat • meerdere coördinaten Lezen: op een coördinatenrooster Wiskundige notatie: • C1
Te hanteren begrippen
het coördinaat, de horizontale as, de verticale as
Voorbeelden
• Alouise zegt: "Ik kijk op het rooster en zie dat de bal op vak C1 ligt. C is op de horizontale as en 1 op de verticale as." • Lisanne zegt: "De boot ligt op E1, E2 en E3. Hij ligt dus horizontaal op drie vakken naast elkaar." -
Plaatsen objecten met behulp van coördinaten.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Coördinaten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Coördinaten: • één coördinaat • meerdere coördinaten Plaatsen: op een coördinatenrooster Wiskundige notatie • C1
Voorbeelden
Coördinaten: • Plaats de bal op B4. • Plaats de boot op D1, D2 en D3.
-
Lezen de coördinaten van een punt.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Coördinaten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Coördinaten: puntcoördinaten negatieve waarden en/of positieve waarden Lezen: op een assenstelsel Wiskundige notatie • (4, -3)
Te hanteren begrippen
het coördinaat, de horizontale as, de verticale as
Voorbeelden
Op het meervoudig lijndiagram ziet Maxime dat de minimumtemperatuur op donderdag -3° bedroeg.
-
Plaatsen punten met behulp van coördinaten.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Coördinaten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Coördinaten: puntcoördinaten negatieve waarden en/of positieve waarden Plaatsen: op een assenstelsel Wiskundige notatie • (4, -3)
-
Tonen hun kennis van plaatsbepaling in verschillende contexten.
Wiskunde › Meetkunde › Plaatsbepaling › Coördinaten
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
• Joris en Sanne spelen een spelletje zeeslag. • Hugo denkt na over wat een chauffeur kan zien en wat in de dode hoek zit.