Leerplannen Leerplandoelen
Leerjaar
Verwerkingsaspect

27 doelen

CSV downloaden filters wissen

vak: LO ✕ Lichaamsperceptie (B) ✕

  1. LO.076 Gebruiken K1 K2 K3 L4 7.1.10

    Demonstreren bij het bewegen dat ze de opbouw van hun lichaam kennen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Lichaamsopbouw en houdingen

  2. LO.077 Gebruiken K1 K2 K3 L4 7.1.10

    Demonstreren diverse lichaamshoudingen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Lichaamsopbouw en houdingen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    Voorbeelden

    Diverse lichaamshoudingen:
    • Ik sta als een flamingo.
    • Ik hou het hoofd schuin en steek één arm in de lucht.
  3. LO.078 Gebruiken K1 K2 K3 L4 7.1.10

    Veranderen een aan de gang zijnde beweging.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Lichaamsopbouw en houdingen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Beweging:
    zonder dat de ene beweging invloed heeft op de andere
    
    Veranderen:
    • door te stoppen
    • door te vertragen
    • door te versnellen
    • door de aard te veranderen

    Voorbeelden

    Bewegingen veranderen:
    • Vlugge bewegingen die plots overgaan in slow motion.
    • Een beweging doelbewust onderbreken en laten opvolgen door een andere.
  4. LO.079 Gebruiken K1 K2 K3 L1 L2 L4 7.1.10

    Voeren bewegingen tegelijk of opeenvolgend uit.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Lichaamsopbouw en houdingen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Bewegingen:
    • zonder dat de ene beweging invloed heeft op de andere
    • zonder dat een ander deel van het lichaam meebeweegt

    Voorbeelden

    • Dorianne houdt in iedere hand het uiteinde van een touw vast. Zij werpt een
        uiteinde weg en houdt het andere uiteinde vast.
    • Jort stapt terwijl hij een bal omhoog gooit en terug opvangt.
  5. LO.080 Gebruiken K1 K2 K3 L1 L2 L3 L4 L5 L6 L4 7.1.10

    Respecteren de eigen lichaamskenmerken bij het bewegen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Lichaamsopbouw en houdingen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Lichaamskenmerken:
    • mogelijkheden en beperkingen van de eigen lichaamsopbouw
    • lichaamsgrenzen
  6. LO.081 Gebruiken L1 L2 L3 L4 L5 L6 L6 7.1.10

    Respecteren de lichaamskenmerken van anderen bij het bewegen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Lichaamsopbouw en houdingen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Lichaamskenmerken:
    mogelijkheden en beperkingen
  7. LO.082 Gebruiken K1 K2 K3 L1 L2 GO!-doel

    Bewegen zijwaarts, voorwaarts en achterwaarts.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Lateraliteit en voorkeurlichaamszijde

  8. LO.083 Gebruiken K1 K2 K3 GO!-doel

    Demonstreren symmetrische houdingen en bewegingen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Lateraliteit en voorkeurlichaamszijde

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Demonstreren:
    nabootsen
  9. LO.084 Gebruiken K2 K3 L1 GO!-doel

    Demonstreren asymmetrische houdingen en bewegingen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Lateraliteit en voorkeurlichaamszijde

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Demonstreren:
    nabootsen
  10. LO.085 Gebruiken K3 L1 L2 KO 7.1.5; KO 7.1.9; KO 7.1.10; L4 7.1.11

    Demonstreren een duidelijke voorkeur voor de linker- of rechterhand of -voet.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Lateraliteit en voorkeurlichaamszijde

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Demonstreren:
    met inbegrip van een duidelijke taakverdeling tussen het gebruik van de linker- en
    rechterhand of -voet
    • in bewegingscontexten met eenhandige taken
    • in bewegingscontexten waar tweehandigheid vereist is

    Voorbeelden

    • Bij het werpen merkt Ravi dat hij liefst zijn linkerhand gebruikt.
    • Wanneer Naïma ver wil springen, stoot ze best af met haar rechtervoet.
  11. LO.086 Gebruiken L3 L4 L5 L6 L4 7.1.11; L6 7.1.9

    Gebruiken gepast hun linker- en rechterhand of -voet.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Lateraliteit en voorkeurlichaamszijde

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    Voorbeelden

    • Tijdens het schrijven gebruikt Kate haar rechterhand om te schrijven, terwijl ze
        met haar linkerhand het schrift op zijn plek houdt.
    • Bij het hoogspringen duwt Sander zich af met zijn sterke linkerbeen, terwijl hij zijn
        rechterbeen hoog zwaait om over de lat te komen.
  12. LO.087 Gebruiken L3 L4 L5 L6 L6 7.1.9

    Gebruiken hun voorkeurzijde bij het wenden en draaien rond hun lengteas.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Lateraliteit en voorkeurlichaamszijde

  13. LO.088 Gebruiken K1 K2 K3 L4 9.1.9

    Ontwikkelen spierspanning.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Spierspanning en ontspanning

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Spierspanning:
    • dynamisch en statisch
    
    Ontwikkelen:
    • via bewegingsopdrachten
    • zelfstandig of in spelvorm

    Voorbeelden

    Spierspanning:
    Metafoor met de sneeuwman: Span jezelf helemaal op (spanning), en dan smelt je
    weg (ontspanning).
  14. LO.089 Gebruiken K1 K2 K3 L4 9.1.9

    Demonstreren dat ze gedurende een bepaalde tijd een ontspannen houding kunnen aannemen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Spierspanning en ontspanning

  15. LO.090 Begrijpen K2 K3 L4 9.1.7

    Verwoorden het belang van dagelijks bewegen en fysieke inspanning voor de gezondheid.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Spierspanning en ontspanning

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    Te hanteren begrippen

    gezond, bewegen
  16. LO.091 Gebruiken K2 K3 L4 9.1.9

    Demonstreren dat ze hun lichaam kunnen opspannen en ontspannen.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Spierspanning en ontspanning

  17. LO.092 Gebruiken K3 L1 L2 L3 L4 L5 L6 L4 9.1.9

    Demonstreren een ontspannen houding of beweging na een beweging die grote inspanning vraagt.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Spierspanning en ontspanning

  18. LO.093 Begrijpen L1 L2 L4 9.1.9

    Verwoorden het belang van opwarmen voor en tot rust komen na een fysieke inspanning.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Spierspanning en ontspanning

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    Te hanteren begrippen

    de rust, opwarmen
  19. LO.094 Gebruiken L1 L2 L3 L4 L5 L6 L4 9.1.9

    Demonstreren tijdens bewegingsactiviteiten dat ze hun energie kunnen doseren.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Spierspanning en ontspanning

  20. LO.095 Gebruiken L1 L2 L3 L4 L5 L6 L4 9.1.9

    Ontwikkelen spierspanning.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Spierspanning en ontspanning

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Spierspanning:
    • dynamisch en statisch
    
    Ontwikkelen:
    • via bewegingsopdrachten
    • zelfstandig of in sport- en spelvorm

    Te hanteren begrippen

    stretchen, gespannen, ontspannen

    Voorbeelden

    Spierspanning:
    • metafoor met de banaan: plankhouding (hol, bol)
    • warming-up en cooling-down
  21. LO.096 Begrijpen L3 L4 L6 9.1.2

    Illustreren de korte- en langetermijneffecten van fysieke inspanning op het lichaam.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Spierspanning en ontspanning

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Korte- en langetermijneffecten:
    fysieke en mentale gezondheid
  22. LO.097 Begrijpen L5 L6 L6 9.1.2

    Verwoorden het belang van het doseren van een fysieke inspanning.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Spierspanning en ontspanning

  23. LO.098 Engageren K2 K3 L1 L2 L3 L4 L5 L6 GO!-doel

    Tonen hun specifieke kennis van lichaamsperceptie in verschillende contexten.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Spierspanning en ontspanning

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    Voorbeelden

    • Na een sprint tijdens een spel in het park, voelt Lieve dat haar hartslag hoog is. Ze
        zegt: "Ik moet even stilzitten en rustig ademhalen, zodat mijn hart weer normaal
        gaat kloppen.”
    • Jax helpt thuis met het tillen van een zware doos. Hij buigt zijn knieën en zegt: "Ik
        moet door mijn knieën gaan om mijn rug niet te belasten.”
  24. LO.099 Begrijpen K2 K3 L1 L2 L4 9.1.9

    Duiden het belang van een goede zit-, sta- en schrijfhouding.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Lichaamshouding

  25. LO.100 Begrijpen L3 L4 L4 9.1.9

    Verwoorden de principes van een goede lichaamshouding.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Lichaamshouding

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    Te hanteren begrippen

    de correcte lichaamshouding

    Voorbeelden

    • Victoria laat haar schouders zakken en houd ze niet opgetrokken.
    • Michael buigt door de knieën wanneer hij iets wil optillen.
  26. LO.101 Begrijpen L5 L6 L4 9.1.9; L6 9.1.2

    Beschrijven de gevolgen van een slechte lichaamshouding voor hun gezondheid.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Lichaamshouding

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Gezondheid:
    fysieke en mentale gezondheid
  27. LO.102 Gebruiken K2 K3 L1 L2 L3 L4 L5 L6 L4 9.1.9

    Gebruiken een goede lichaamshouding bij dagelijkse activiteiten.

    Lichamelijke opvoeding Lichamelijke opvoeding › Lichaamsperceptie (B) › Lichaamshouding

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    Voorbeelden

    • Jolien gebruikt een goede lichaamshouding bij het zitten tijdens het studeren.
    • Mirella gebruikt een goede lichaamshouding bij het heffen van een stoel.