8 doelen
-
Begrijpen hoe historische feiten, personen en ontwikkelingen worden gesitueerd op een eeuwenband.
Geschiedenis › Historisch strategisch: perspectief en chronologie › Chronologisch bewustzijn › Historische tijd › De eeuwenband
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Eeuwenband: • met onderscheid tussen tijdsperiodes • met volgende periodes: ‘eerder’ of ‘lang geleden’, ‘19de eeuw’, ‘20ste eeuw’, ‘21ste eeuw’, ‘later’Te hanteren begrippen
de eeuwenband
-
Situeren historische feiten, personages, gebouwen, gebeurtenissen, bronnen, ontwikkelingen uit de omgeving op een eeuwenband.
Geschiedenis › Historisch strategisch: perspectief en chronologie › Chronologisch bewustzijn › Historische tijd › De eeuwenband
-
Benoemen de zes historische periodes op een gevisualiseerd historisch referentiekader.
Geschiedenis › Historisch strategisch: perspectief en chronologie › Chronologisch bewustzijn › Historische tijd › De eeuwenband
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Te hanteren begrippen
de periode, de prehistorie, de oudheid, de middeleeuwen, de vroegmoderne tijd, de moderne tijd, de hedendaagse tijd
-
Ordenen de zes historische periodes chronologisch.
Geschiedenis › Historisch strategisch: perspectief en chronologie › Chronologisch bewustzijn › Historische tijd › De eeuwenband
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Historische periodes: • de prehistorie (tot ca. 3500 v.o.t.) • de oudheid (ca. 3500 v.o.t. – ca. 500 o.t.) • de middeleeuwen (ca. 500 o.t. – ca. 1500 o.t.) • de vroegmoderne tijd (ca. 1500 o.t. – ca. 1800 o.t.) • de moderne tijd (ca. 1800 o.t. – 1945 o.t.) • de hedendaagse tijd (1945 o.t. – nu)
-
Plaatsen gebeurtenissen, fenomenen en bronnen chronologisch op het historisch referentiekader.
Geschiedenis › Historisch strategisch: perspectief en chronologie › Chronologisch bewustzijn › Historische tijd › De eeuwenband
-
Illustreren de relativiteit van historische periodisering.
Geschiedenis › Historisch strategisch: perspectief en chronologie › Chronologisch bewustzijn › Historische tijd › De eeuwenband
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Relativiteit: • Het begin en een einde van een historische periode wordt gekenmerkt door grote historische gebeurtenissen. • De periodisering hangt af van de plaats in de wereld, maar ook van het belang dat een historicus hecht aan bepaalde gebeurtenissen. -
Illustreren de scharniermomenten van de historische periodes op de tijdsband.
Geschiedenis › Historisch strategisch: perspectief en chronologie › Chronologisch bewustzijn › Historische tijd › De eeuwenband
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Scharniermomenten: • prehistorie (ca. 3500 v.o.t.): ‘uitvinding’ van het schrift. Dit is een fundamentele breuklijn in de geschiedenis, omdat het schrift het mogelijk maakte om informatie systematisch vast te leggen en zo op grotere schaal een samenleving te organiseren • oudheid (tot ca 500 o.t.): val van het West Romeinse rijk. Eind van de eeuwenlange overheersing van West-Europa door Rome. • middeleeuwen (tot ca 1500 o.t.): de start van de ontdekkingsreizen en de boekdrukkunst • vroegmoderne tijd (tot ca. 1800 o.t.): de Franse revolutie (1789) markeert de breuk met het ‘ancien régime’. Rond 1800 start ook de industriële revolutie • moderne tijd (tot 1945 o.t.): Einde van de tweede wereldoorlog: einde van koloniale grootmachten, oprichting van de VN, start van technologische revoluties • hedendaagse tijd (tot nu). -
Tonen hun kennis over historische tijdsbegrippen in verschillende contexten.
Geschiedenis › Historisch strategisch: perspectief en chronologie › Chronologisch bewustzijn › Historische tijd › De eeuwenband
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
• Jadran vergelijkt een hedendaagse klas met een klas uit de jaren 1950 en gebruikt begrippen als vroeger, nu en toen om verschillen en gelijkenissen aan te duiden. • Yarah bekijkt oude familiefoto’s van haar grootouders en plaatst ze op een tijdlijn. Ze zegt dat haar opa als kind in de 20ste eeuw leefde en zij nu in de 21ste eeuw opgroeit.