WT.469
Begrijpen
L3
L4
L5
L6
Beschrijven technische systemen.
Wetenschap en techniek › Technologie › Technische systemen beschrijven › Bouw, onderdelen, functie en werking van technische systemen
- Leeftijd
- 8-9,9-10,10-11,11-12 jaar
- Handelingswerkwoord
- Beschrijven
- Verwerkingsaspect
- Begrijpen — declaratieve kennis — weten wat
- Minimumdoelen
- L4 3.7.4; L4 3.7.5; L6 3.7.10
- In de PDF
- pagina 136,137
Leerlijn
Beschrijven technische systemen.
MIA
Technisch systeem:
• de onderdelen
• de functie
• de werking
• de bouw en de materiaalkeuze
Te hanteren begrippen
het onderdeel, de motor, het tandwiel, de kabel, de schroef, de bout, de sensor, de
ketting, de riem, de veer, de werking
Voorbeelden
• Oscar legt uit dat wanneer hij op de pedalen van zijn fiets trapt, de beweging via de
ketting wordt doorgegeven aan het achterwiel, waardoor de fiets vooruit beweegt.
• Idris toont hoe een perforator werkt: wanneer ze op de hendel drukt, worden de
snijpennen naar beneden geduwd en maken ze gaatjes in het papier.
Hangt samen met
- Vlag LL.014 Gebruiken hun waarneming om gericht informatie te verzamelen en te analyseren. L1,L2,L3,L4,L5,L6
- Vlag WT.448 Illustreren basisgereedschap voor (de)monteren van technische systemen. K1,K2,K3,L1,L2,L3,L4,L5,L6
Wordt verwezen vanuit
- Vlag WT.319 Beschrijven de onderbroken stroomkring. L3,L4
- Vlag WT.322 Herkennen de elektrische geleiders en niet- geleiders (isolatoren) in een stroomkring. L3,L4
Gekoppelde minimumdoelen bij het onderwerp “Technologie”
KO L4 L6 De leerlingen kennen 3.7.1 de volgende begrippen: de wisselwerking, de wetenschap, de technologie, de technologische ontwikkeling, de wetenschappelijke ontdekking, de innovatie, de uitvinding, de duurzaamheid, de ecologische voetafdruk, de ethiek. De leerlingen kunnen 3.7.2 uitdrukken dat gevolgen van wetenschappen en technologie op zichzelf, anderen, het milieu en de maatschappij, zowel op korte als op lange termijn, positief, negatief of onzeker kunnen zijn.
KO De kleuters kunnen 3.7.1 leeftijdsadequate technische systemen correct en veilig gebruiken. L4 De leerlingen kennen 3.7.1 de volgende begrippen: monteren, demonteren. 3.7.2 basisgereedschap voor montage en demontage. L6 De leerlingen kennen 3.7.3 de volgende begrippen: herstellen, onderhouden.
De leerlingen kunnen 3.7.3 basisvaardigheden toepassen bij het monteren en demonteren van technische systemen. 3.7.4 basisgereedschap voor basisonderhoud en herstellingen. 3.7.5 het belang van het onderhouden en herstellen van technische systemen. De leerlingen kunnen 3.7.6 basisonderhoud en kleine herstellingen uitvoeren. <bv. fietsband plakken, batterij vervangen >
KO L4 De leerlingen kennen L6 De leerlingen kennen
3.7.4 het volgende begrip: de onderdelen. De leerlingen kunnen 3.7.5 de werking van een technisch systeem beschrijven aan de hand van onderdelen en materialen. 3.7.6 verwoorden hoe vormgeving en design een rol spelen bij het gebruik van technische systemen. 3.7.7 de volgende begrippen: het tandwiel, de riem, de ketting, de hefboom, de katrol, het technische systeem, de vormgeving, het design. 3.7.8 belangrijke mechanische overbrengingen: tandwielen, riemen en kettingen, hefbomen, katrollen. 3.7.9 de werking van technische systemen op basis van kennis over natuurkundige verschijnselen. De leerlingen kunnen 3.7.10 de werking, de bouw en de materiaalkeuze van technische systemen analyseren en beschrijven.