WT.444
Gebruiken
L3
L4
L5
L6
Gebruiken een technisch systeem functioneel.
Wetenschap en techniek › Technologie › Technische systemen hanteren › Veilig en functioneel gebruik van technische systemen
- Leeftijd
- 8-9,9-10,10-11,11-12 jaar
- Handelingswerkwoord
- Gebruiken
- Verwerkingsaspect
- Gebruiken — procedurele kennis — weten hoe
- Minimumdoelen
- L4 3.7.2; L6 3.7.4
- In de PDF
- pagina 131
Leerlijn
Gebruiken een technisch systeem functioneel.
MIA
Functioneel:
• selectie in functie van een behoefte, vereisten, veiligheid, beschikbare
hulpmiddelen en/of personen, technische systemen
• controle voor gebruik
• uitvoering stap voor stap van de richtlijnen (stappenplan, werktekening,
handleiding, veiligheidsvoorschriften)
• evaluatie van het functioneren
• veilig en correct opbergen
Wordt verwezen vanuit
- Vlag WI.502 Meten een oppervlakte. L3,L4
- Vlag WI.509 Meten een volume met natuurlijke maateenheden. L3,L4
- Vlag WI.520 Meten een lengte. L3
- Vlag WI.524 Meten een lengte. L3
- Vlag WI.527 Meten een lengte. L4
- Vlag WI.536 Meten een inhoud. L3
- Vlag WI.539 Meten een inhoud. L3
- Vlag WI.543 Meten een inhoud. L4
- Vlag WI.554 Wegen een massa. L3,L4
- Vlag WI.564 Meten een oppervlakte. L4
- Vlag WI.569 Meten een oppervlakte. L4
- Vlag WI.573 Meten een oppervlakte. L4
Gekoppelde minimumdoelen bij het onderwerp “Technologie”
KO L4 L6 De leerlingen kennen 3.7.1 de volgende begrippen: de wisselwerking, de wetenschap, de technologie, de technologische ontwikkeling, de wetenschappelijke ontdekking, de innovatie, de uitvinding, de duurzaamheid, de ecologische voetafdruk, de ethiek. De leerlingen kunnen 3.7.2 uitdrukken dat gevolgen van wetenschappen en technologie op zichzelf, anderen, het milieu en de maatschappij, zowel op korte als op lange termijn, positief, negatief of onzeker kunnen zijn.
KO De kleuters kunnen 3.7.1 leeftijdsadequate technische systemen correct en veilig gebruiken. L4 De leerlingen kennen 3.7.1 de volgende begrippen: monteren, demonteren. 3.7.2 basisgereedschap voor montage en demontage. L6 De leerlingen kennen 3.7.3 de volgende begrippen: herstellen, onderhouden.
De leerlingen kunnen 3.7.3 basisvaardigheden toepassen bij het monteren en demonteren van technische systemen. 3.7.4 basisgereedschap voor basisonderhoud en herstellingen. 3.7.5 het belang van het onderhouden en herstellen van technische systemen. De leerlingen kunnen 3.7.6 basisonderhoud en kleine herstellingen uitvoeren. <bv. fietsband plakken, batterij vervangen >
KO L4 De leerlingen kennen L6 De leerlingen kennen
3.7.4 het volgende begrip: de onderdelen. De leerlingen kunnen 3.7.5 de werking van een technisch systeem beschrijven aan de hand van onderdelen en materialen. 3.7.6 verwoorden hoe vormgeving en design een rol spelen bij het gebruik van technische systemen. 3.7.7 de volgende begrippen: het tandwiel, de riem, de ketting, de hefboom, de katrol, het technische systeem, de vormgeving, het design. 3.7.8 belangrijke mechanische overbrengingen: tandwielen, riemen en kettingen, hefbomen, katrollen. 3.7.9 de werking van technische systemen op basis van kennis over natuurkundige verschijnselen. De leerlingen kunnen 3.7.10 de werking, de bouw en de materiaalkeuze van technische systemen analyseren en beschrijven.