Leerplannen Leerplandoelen
Leerjaar
Verwerkingsaspect

14 doelen

CSV downloaden filters wissen

vak: WI ✕ Logica en verzamelingen ✕

  1. WI.871 Begrijpen K1 KO 2.4.19

    Herkennen als-dan relaties.

    Wiskunde Meetkunde › Logica en verzamelingen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Herkennen:
    in concrete situaties

    Voorbeelden

    Als het regent dan doet Miranda haar jas aan.
  2. WI.872 Begrijpen K1 KO 2.4.17

    Herkennen de betekenis van niet, en, of.

    Wiskunde Meetkunde › Logica en verzamelingen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Herkennen:
    in concrete situaties

    Voorbeelden

    Jules luistert naar de instructie: “Neem een boek en een leeslamp. Ga in de kring of in de
    leeshoek zitten. Je mag niet praten.”
  3. WI.873 Gebruiken K1 K2 K3 KO 2.4.18

    Classificeren objecten volgens één kwalitatief kenmerk.

    Wiskunde Meetkunde › Logica en verzamelingen

  4. WI.874 Gebruiken K2 K3 KO 2.4.19

    Gebruiken als-dan relaties.

    Wiskunde Meetkunde › Logica en verzamelingen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Gebruiken:
    in concrete situaties

    Te hanteren begrippen

    als, dan
  5. WI.875 Gebruiken K2 K3 KO 2.4.17

    Gebruiken de betekenis van niet, en, of, in, uit, binnen, buiten.

    Wiskunde Meetkunde › Logica en verzamelingen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Gebruiken:
    in concrete situaties
    
    Te hanteren begrippen:
    en, of, niet, in, uit, binnen, buiten

    Voorbeelden

    En:
    “Zoek een bal die groen en groot is.”
    Of:
    “Je mag springen of draaien.”
    Niet:
    “Neem een kussen dat niet rood is.”
    In:
    “Welke knuffels zijn er in de cirkel?”
    Uit:
    “Haal één knuffel uit de cirkel.”
    Binnen:
    “Leg alle blauwe blokjes binnen de hoepel.”
    Buiten:
    “Kleur de sterren buiten het vierkant.”
  6. WI.876 Gebruiken K2 K3 KO 2.4.17; KO 2.4.18

    Classificeren objecten volgens twee kwalitatieve kenmerken.

    Wiskunde Meetkunde › Logica en verzamelingen

  7. WI.877 Begrijpen L1 L2 L4 2.4.22

    Verwoorden de gemeenschappelijke eigenschappen van objecten van een verzameling.

    Wiskunde Meetkunde › Logica en verzamelingen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    Te hanteren begrippen

    behoort tot, behoort niet tot
  8. WI.878 Gebruiken L1 L2 L4 2.4.22; L4 2.4.24

    Bepalen verzamelingen en deelverzamelingen.

    Wiskunde Meetkunde › Logica en verzamelingen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    Te hanteren begrippen

    de verzameling, de deelverzameling
  9. WI.879 Begrijpen L3 L4 L4 2.4.22; L4 2.4.24

    Verwoorden de gemeenschappelijke eigenschappen van elementen van een verzameling.

    Wiskunde Meetkunde › Logica en verzamelingen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    Te hanteren begrippen

    behoort (niet) tot, sommige, geen enkele, en, of, niet
  10. WI.880 Gebruiken L3 L4 L4 2.4.22; L4 2.4.23; L4 2.4.24

    Bepalen verzamelingen en deelverzamelingen.

    Wiskunde Meetkunde › Logica en verzamelingen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    (deel)verzamelingen:
    • voorstelling met een venndiagram
  11. WI.881 Gebruiken L5 L6 L4 2.4.23; L6 2.4.23; L6 2.4.1

    Bepalen verzamelingen en deelverzamelingen.

    Wiskunde Meetkunde › Logica en verzamelingen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    (deel)verzamelingen:
    • voorstelling met een venndiagram
    • de doorsnede als het gemeenschappelijk gebied met de elementen die tot de twee
        verzamelingen behoren
  12. WI.882 Gebruiken L5 L6 L6 2.4.24; L6 2.4.25; L6 2.4.1

    Gebruiken termen voor logisch denken.

    Wiskunde Meetkunde › Logica en verzamelingen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Gebruiken:
    in concrete situaties

    Te hanteren begrippen

    als...dan.., (niet) alle, juist één, geen, ten minste, ten hoogste

    Voorbeelden

    Termen voor logisch denken:
    • Alle ruiten hebben gelijke zijden.
    • Een rechthoek die geen vierkant is, heeft slechts twee symmetrieassen.
  13. WI.883 Gebruiken L5 L6 L6 2.4.26

    Classificeren figuren volgens meerdere criteria.

    Wiskunde Meetkunde › Logica en verzamelingen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    Voorbeelden

    Jakob classificeert de vierhoeken volgens hoeken en zijden.
  14. WI.884 Engageren L3 L4 L5 L6 L6 2.4.24; L6 2.4.27

    Beargumenteren of een uitspraak waar of onwaar is.

    Wiskunde Meetkunde › Logica en verzamelingen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Beargumenteren:
    • Aan de hand van verzamelingen
    • Met (tegen)voorbeelden

    Te hanteren begrippen

    waar, niet waar

    Voorbeelden

    • Noor zegt: "‘Alle cirkels zijn symmetrisch’ is waar, want een cirkel heeft oneindig
        veel symmetrieassen."
    • Yassin zegt: "‘Alle figuren met vier zijden zijn rechthoeken’ is niet waar. Een ruit of
        een trapezium heeft ook vier zijden, maar is geen rechthoek."
    • Noëmie van het zesde leerjaar zegt: “’Alle vierkanten hebben loodrechte
        diagonalen’ is waar. ‘Alle vierhoeken met loodrechte diagonalen zijn vierkanten’ is
        onwaar