Leerplannen Leerplandoelen
Leerjaar
Verwerkingsaspect

19 doelen

CSV downloaden filters wissen

Menselijke landschappen ✕

  1. AA.120 Begrijpen K1 KO 4.2.3

    Herkennen menselijke landschapselementen.

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Menselijke landschapselementen:
    • wonen: het huis, de tuin
    • transportinfrastructuur: de straat
    • landbouw: de boerderij
    • handel en diensten: de bakker
    • recreatie en toerisme: de zee
  2. AA.121 Begrijpen K2 KO 4.2.3

    Herkennen menselijke landschapselementen.

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Menselijke landschapselementen:
    • wonen: het huis, de tuin, het appartement
    • transportinfrastructuur: de straat, de weg, de bus, het spoor, de trein
    • landbouw: de boerderij, de stal, de koe, het schaap, het varken
    • handel en diensten: de bakkerij, de bakker, de markt, de winkel
    • recreatie en toerisme: het zwembad, de zee

    Te hanteren begrippen

    het huis, de tuin, de straat, het appartement, de weg, de bus, het spoor, de trein,
    de boerderij, de stal, de koe, het schaap, het varken, de bakkerij, de bakker, de
    markt, de winkel, het zwembad, de zee
  3. AA.122 Begrijpen K3 KO 4.2.3

    Herkennen menselijke landschapselementen.

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Menselijke landschapselementen:
    • wonen: het huis, de tuin, het appartement
    • transportinfrastructuur: de straat, de weg, de bus, het spoor, de trein
    • landbouw: de boerderij, de stal, de koe, het schaap, het varken, de akker, het
        gewas
    • industrie: de fabriek, de werkplaats
    • handel en diensten: de bakkerij, de bakker, de markt, de winkel
    • recreatie en toerisme: het zwembad, de zee, het park, de bibliotheek

    Te hanteren begrippen

    de akker, het gewas, de fabriek, de werkplaats, het park, de bibliotheek
  4. AA.123 Begrijpen L1 L4 4.2.5

    Herkennen menselijke landschapselementen.

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Menselijke landschapselementen:
    • wonen: het rijhuis, het vrijstaand huis, de stad
    • transportinfrastructuur: de snelweg
    • landbouw: de veeteelt
    • industrie
    • handel en diensten
    • recreatie en toerisme

    Te hanteren begrippen

    het rijhuis, het vrijstaand huis, de snelweg, de veeteelt
  5. AA.124 Begrijpen L2 L4 4.2.5

    Herkennen menselijke landschapselementen.

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Menselijke landschapselementen:
    • wonen: het appartementsgebouw
    • transportinfrastructuur: de haven
    • landbouw: de akkerbouw, de tuinbouw, de glastuinbouw
    • industrie
    • handel en diensten
    • recreatie en toerisme: het sportterrein

    Te hanteren begrippen

    het appartementsgebouw, de akkerbouw, de tuinbouw, de glastuinbouw, het
    sportterrein, de haven
  6. AA.125 Begrijpen L3 L4 4.2.5

    Herkennen menselijke landschapselementen.

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Menselijke landschapselementen:
    • wonen
    • transportinfrastructuur: het kanaal
    • landbouw: de gemengde landbouw
    • industrie: kranen
    • handel en diensten: het winkelcentrum
    • recreatie en toerisme

    Te hanteren begrippen

    het kanaal, de gemengde landbouw, het winkelcentrum, de landbouw, de
    industrie, de handel, de dienst, de recreatie, het toerisme, de kraan
  7. AA.126 Begrijpen L4 L4 4.2.5

    Herkennen menselijke landschapselementen.

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Menselijke landschapselementen:
    • wonen: stedelijk, landelijk
    • transportinfrastructuur: de luchthaven
    • landbouw
    • industrie: hoogspanningslijnen
    • handel en diensten: het kantoor, de bank
    • recreatie en toerisme: de entertainmentfaciliteit

    Te hanteren begrippen

    de luchthaven, het kantoor, de bank, de entertainmentfaciliteit, stedelijk,
    landelijk
  8. AA.127 Begrijpen L5 L6 4.2.7

    Herkennen menselijke landschapselementen.

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Menselijke landschapselementen:
    • wonen: de open ruimte, de verstedelijking, de ruimtelijke ordening
    • transportinfrastructuur
    • landbouw: de duurzame landbouw, de intensieve landbouw
    • industrie: olie- en gasinstallaties
    • handel en diensten: de opslagfaciliteiten voor grondstoffen, materialen en
        goederen
    • recreatie en toerisme

    Te hanteren begrippen

    de open ruimte, de verstedelijking, de duurzame landbouw, de intensieve
    landbouw, de opslagfaciliteit, de ruimtelijke ordening, de grondstoffen, de
    materialen, de goederen
  9. AA.128 Gebruiken L3 L4 L4 4.3.1

    Ontwerpen een schets van een landschap.

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Schets:
    een schematische weergave van menselijke aspecten
  10. AA.129 Gebruiken K2 K3 L1 L2 L3 L4 L5 L6 KO 4.2.3; L4 4.2.5; L6 4.2.7

    Determineren een landschap op basis van menselijke landschapselementen.

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Menselijke landschapselementen:
    • wonen
    • transportinfrastructuur
    • landbouw
    • industrie
    • handel en diensten
    • recreatie en toerisme
  11. AA.130 Begrijpen L3 L4 4.2.5

    Beschrijven landbouwprocessen.

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Landbouwprocessen:
    de irrigatie: water als bron, transporteren van water, verdeling van water op de
    gewassen

    Te hanteren begrippen

    de irrigatie
  12. AA.131 Begrijpen L4 L4 4.2.5

    Beschrijven landbouwprocessen

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Landbouwprocessen:
    de verwerking en distributie van gewassen:
        oogsten
        schoonmaken
        verwerking: snijden en verpakken, drogen, koelen of invriezen
        opslag: De gewassen worden bewaard in grote magazijnen of koelruimtes
        voordat ze worden vervoerd.
        Vervoer: Vrachtwagens, treinen, schepen of zelfs vliegtuigen brengen het
        voedsel naar fabrieken, winkels en markten.
        verkoop en distributie: Winkels, supermarkten en marktkramen verkopen
        het voedsel aan mensen, zodat ze het kunnen kopen en thuis kunnen koken.
        op het bord

    Te hanteren begrippen

    oogsten, schoonmaken, verwerken, de verwerking, de opslag, het vervoer, de
    distributie, de verkoop
  13. AA.132 Begrijpen L5 L6 4.2.7

    Beschrijven landbouwprocessen.

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Landbouwprocessen:
    de verwerking en distributie van voedsel:
        oogsten of slachten:
          voor plantaardige voeding: Gewassen worden geoogst wanneer ze rijp
          zijn.
          voor dierlijke voeding: Dieren worden geslacht in gecontroleerde
          omstandigheden volgens hygiëne- en welzijnsnormen.
        schoonmaken:
          Groenten en fruit worden gewassen en gesorteerd.
          Vlees wordt na het slachten gereinigd, waarbij organen, botten of huid
          worden verwijderd afhankelijk van het eindproduct.
        verwerking:
          groenten en fruit: Snijden, verpakken, drogen, koelen of invriezen.
          vlees:
                  snijden
                  verpakken: Vers of vacuümverpakt om houdbaarheid te
                  verlengen.
                  drogen of roken
                  koelen of invriezen: Om bacteriegroei te verminderen en
                  versheid te behouden.
        opslag: Voedsel wordt bewaard in gecontroleerde magazijnen, koelruimtes
        of vriezers om bederf te voorkomen en kwaliteit te garanderen.
        vervoer: Transport vindt plaats per vrachtwagen, trein, schip of vliegtuig,
        afhankelijk van de afstand en houdbaarheid van het product.
        verkoop en distributie:
          Supermarkten, slagerijen en markten verkopen de producten
          rechtstreeks aan consumenten.
          Voedselfabrikanten verwerken de producten verder in kant-en-
          klaarmaaltijden, sauzen of andere voedingsmiddelen.
        op het bord

    Te hanteren begrippen

    de plantaardige voeding, de dierlijke voeding, de voedselbewaring, de
    voedselverwerking, de voedseldistributie
  14. AA.133 Gebruiken L5 L6 GO!-doel

    Geven de distributie via de korte keten weer.

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    Te hanteren begrippen

    de korte keten
  15. AA.134 Begrijpen L4 L4 4.2.5

    Beschrijven het belang van water als hulpbron in landschappen.

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Belang van water:
    water als hulpbron:
          waterkrachtcentrale, gebruikt waterkracht om elektriciteit te maken:
                water verzamelen: De centrale staat bij een rivier of een meer.
                Een dam houdt het water tegen en verzamelt het in een groot
                reservoir.
                water laten stromen: Als de centrale energie nodig heeft, wordt
                het water met grote kracht naar beneden geleid door buizen.
                turbines draaien: Het stromende water duwt tegen grote
                schoepen van een turbine. Een turbine lijkt op een soort grote
                windmolen, maar dan aangedreven door water. Door de kracht
                van het stromende water begint de turbine te draaien.
                elektriciteit maken: De draaiende turbine is verbonden met een
                generator. Een generator werkt als een magische machine die
                beweging omtovert in elektriciteit. Wanneer de turbine draait,
                maakt de generator stroom die we kunnen gebruiken.
                stroom sterker maken: Transformatoren zorgen ervoor dat de
                stroom sterk genoeg is om ver te reizen.
                stroom naar huizen en scholen: Via kabels wordt de elektriciteit
                naar huizen, scholen en fabrieken gestuurd.
                water komt terug: Het water stroomt weer terug naar de rivier
                of het meer, zodat we het opnieuw kunnen gebruiken.

    Te hanteren begrippen

    het water, de hulpbron, de dam, het reservoir, de waterkracht
  16. AA.135 Begrijpen L4 L5 L4 4.2.5; L6 4.2.7

    Illustreren de menselijke interactie met landschappen en infrastructuur.

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Interactie:
    interactie met aandacht voor duurzaamheid: aanleg van golfbreker
    gebruik van natuurlijke hulpbronnen
    positieve en negatieve interactie

    Te hanteren begrippen

    de duurzaamheid, de natuurlijke hulpbron, de golfbreker, de waterhabitat, de
    vervuiling

    Voorbeelden

    Positieve interactie:
    • bosbouw: duurzaam bosbeheer waarbij hout wordt geoogst met behoud van
        biodiversiteit en herbeplanting
    • kustbeheer: aanleg van golfbrekers
    • energie opwekken: gebruik van waterkrachtcentrales en windturbines
    • recreatie: natuurgebieden afbakenen en onderhouden, waar mensen kunnen
        in wandelen en dieren observeren
    Negatieve interactie:
    • Landbouw en industrie: Vervuiling van waterhabitats
    • Wonen: versnipperen van open, natuurlijke ruimte
  17. AA.136 Begrijpen L6 L6 4.2.3

    Illustreren het belang van delfstoffen.

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    MIA

    Illustreren:
    vanuit verschillende perspectieven:
    • economie
    • politiek
    • duurzaamheid

    Te hanteren begrippen

    de delfstof

    Voorbeelden

    Delfstoffen:
    • economie: De winning van delfstoffen creëert veel banen.
    • politiek: Overheden moeten regels maken over hoe delfstoffen gewonnen
        worden.
    • duurzaamheid: We moeten nadenken over hoe we delfstoffen gebruiken en
        overgaan op duurzamere energiebronnen, zoals zon en wind.
  18. AA.137 Gebruiken L6 L6 4.2.7

    Geven weer hoe een landschap verandert door menselijke interactie.

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    Voorbeelden

    Verandering door menselijke activiteit:
    • Mensen veranderen landschappen door bouwen van wegen en huizen.
    • Mensen leggen perken aan en bouwen speeltuinen.
  19. AA.138 Gebruiken L6 L6 4.2.7

    Geven de relatie(s) tussen de functie(s) van een locatie of bepaald gebied en landschapselementen weer.

    Aardrijkskunde Aardrijkskundige (toegepaste) kennis › Landschappen: natuurlijke en menselijke aspecten › Landschappen, landschapselementen en relaties › Menselijke landschappen

    Toon MIA, begrippen en voorbeelden

    Voorbeelden

    Relaties:
    • In Antwerpen is er veel industrie omdat de producten via de Schelde
        eenvoudig getransporteerd kunnen worden naar de zee.
    • Aan de kust komen er veel toeristen omwille van de aanwezigheid van zand
        en zee.