20 doelen
-
Herkennen bouwstenen van drama.
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Bouwstenen drama › Waarnemen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Bouwstenen: • rol: eenvoudige rollen • handeling en taal: stemgebruik
-
Herkennen bouwstenen van drama.
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Bouwstenen drama › Waarnemen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Bouwstenen: • rol: eenvoudige rollen en rolkenmerken • handeling en taal: stemgebruik • ruimte: een eenvoudige speelruimte • structuur: eenvoudige scènes
Te hanteren begrippen
de rol, het decor, het kostuum, de acteur, de stem, verzinnen
-
Herkennen bouwstenen van drama.
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Bouwstenen drama › Waarnemen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Bouwstenen: • rol: inleving in een personage en rolvastheid • handeling en taal: lichaamstaal • ruimte: de speelruimte in functie van het publiek • tijd: timing (op het juiste moment inspelen op de ander) • samenspel: aanvaarden wat de ander inbrengt en erop inspelen
Te hanteren begrippen
het personage, tot leven laten komen, de speler, de tegenspeler, de toneelschrijver, drama, de mime, de scène, het script, het verhaal, de mimiek, het rekwisiet, de schmink, de belichting, het geluid, het podium, het publiek
-
Herkennen bouwstenen van drama.
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Bouwstenen drama › Waarnemen
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Bouwstenen: • rol: transformatie in een personage • handeling en taal: eenvoudig improvisatiespel • samenspel: ‘ridderlijkheid’ in samenspel • structuur: een scenario
Te hanteren begrippen
het rollenspel, de theatertekst, de monoloog, de dialoog, de tragedie, de komedie, de pantomime, het scenario, de regisseur, het conflict, de scène, de actie, de toeschouwer, de spot Bouwstenen drama: de rol, de handeling en taal, de ruimte, de structuur, de tijd, het samenspel
-
Spelen een personage.
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Bouwstenen drama › Creëren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Personage: • een eenvoudige rol • toepassing van eenvoudige rolkenmerken • aanpassing van stemgebruik in functie van de rol
Voorbeelden
Rolkenmerken: Zineb speelt een poes. Ze gebruikt volgende rolkenmerken: sluipen als een poes, miauwen, kopjes geven en likken. Stemgebruik: Jeroom speelt een koning en gebruikt een diepe en nobele stem.
-
Gebruiken een eenvoudige speelruimte.
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Bouwstenen drama › Creëren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
Jimmy en Tessa bewegen hun poppen tijdens het poppenspel in de poppenkast.
-
Spelen een eenvoudige scène.
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Bouwstenen drama › Creëren
-
Spelen een personage.
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Bouwstenen drama › Creëren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Personage: • zich inleven in een personage • de rol vasthouden • gebruiken lichaamstaal
Voorbeelden
Rol vasthouden: Kaat speelt bakker en blijft in haar rol ook als andere kinderen erbij komen: “Wacht u even, ik help u zo.” Ze reageert op gebeurtenissen vanuit de rol. Als de klant zegt dat het brood te hard is, zegt ze: “Dan pak ik een ander voor u, die is verser.”
-
Passen publieksbesef toe.
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Bouwstenen drama › Creëren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Publieksbesef: • zich naar het publiek richten • duidelijk spreken • rekening houden met reacties van het publiek
-
Spelen op het juiste moment in op de tegenspeler(s) (timing).
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Bouwstenen drama › Creëren
-
Versterken elkaar in het samenspel.
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Bouwstenen drama › Creëren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
Nourdi en Jochen spelen een scène waarin ze samen een storm meemaken tijdens een kampeertocht. Jourdi doet alsof hij de tent probeert vast te houden en roept: “Help! De tent gaat vliegen!”. Jochen reageert meteen en sluit aan op de emotie en actie van Jourdi: “O nee! Wacht, ik hou ‘m aan deze kant vast!”
-
Spelen een personage geloofwaardig.
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Bouwstenen drama › Creëren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Te hanteren begrippen
het rollenspel, de theatertekst
Voorbeelden
Mehmet speelt in een scène het personage van een oude, mopperige buurman die boos wordt omdat kinderen te dicht bij zijn tuin spelen. Hij heeft een pet op en een grijze pruik en leunt op een stok, beweegt langzaam, een beetje krom, met handen op de rug of steunend op een stok, gebruikt een lage stem, fronst de wenkbrauwen, trekt de mondhoeken omlaag, kijkt geïrriteerd.
-
Spelen op basis van een opgegeven plaats, personage en gevoel een scène (improvisatiespel).
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Bouwstenen drama › Creëren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Te hanteren begrippen
improviseren
-
Gebruiken ridderlijkheid in het samenspel.
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Bouwstenen drama › Creëren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
Voorbeelden
Zeger speelt een lakei en Ish de koning. De koning moet centraal staan in de scène, want hij is jarig. Zeger probeert niet de aandacht te trekken, maar ondersteunt het spel van de koning. Hij laat de koning het woord voeren, ook als het spannend of grappig wordt. Als de koning even stilvalt, helpt de lakei door een logisch opstapje te geven: “U wilde toch nog iets zeggen over het grote feest van vanavond?”
-
Gebruiken een eenvoudig scenario.
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Bouwstenen drama › Creëren
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Scenario: • zelfontworpen • bestaand • vormgeving van een ervaring, gevoel, idee, situatie, sfeer, verhaal of fantasie
-
Herkennen technieken en vormgevingsmiddelen van drama.
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Technieken en vormgevingsmiddelen drama
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Technieken (werkvormen): • dramaspel • drama met materialen Vormgevingsmiddelen: • verkleedkleren • attributen • aankleding van de speelruimte
-
Herkennen technieken en vormgevingsmiddelen van drama.
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Technieken en vormgevingsmiddelen drama
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Technieken (werkvormen): • dramaspel • drama met materialen • non – verbale spelvormen Vormgevingsmiddelen: • verkleedkleren • attributen • aankleding van de speelruimte
Te hanteren begrippen
verzinnen, het toneel, de verkleedkleren, de handpop, de vingerpop, het masker
Voorbeelden
• Delano speelt mee in ‘Doe alsof je een bosbewoner bent’. De kleuters krijgen een donkere doek om en takjes in hun haar. Er wordt een sfeervol muziekje opgezet en de leerkracht vertelt: “Je bent nu een bosbewoner. Je stapt in het bos. Je eet als een echte bosbewoner De bosbewoner valt in slaap in het stille, donkere bos...” • Florine maakt met haar groep een tableau vivant. Ze doen alsof ze de personen op de foto zijn. Een andere groep kleuters raadt welke foto wordt uitgebeeld. -
Herkennen technieken en vormgevingsmiddelen van drama.
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Technieken en vormgevingsmiddelen drama
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Technieken (werkvormen): • dramaspel • drama met materialen • verbale spelvormen • non – verbale spelvormen Vormgevingsmiddelen • verkleedkleren • attributen • aankleding van de speelruimte
Te hanteren begrippen
de verteltafel, de voorstelling, de clown spelen, het poppenspel, het schimmenspel, het standbeeld, uitbeelden, doen alsof, inleven, fantaseren, dramatiseren, reageren
Voorbeelden
• Giel speelt mee in een pantomime-oefening waarin hij zonder woorden en met overdreven gebaren laat zien dat hij een zware koffer draagt en hem vervolgens niet open krijgt. • Lindsey en haar groepje voeren een poppenspel op. Ze gebruiken handpoppen en laten hun stemmen variëren om de verschillende personages tot leven te brengen. -
Herkennen technieken en vormgevingsmiddelen van drama.
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Technieken en vormgevingsmiddelen drama
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Technieken (werkvormen): • dramaspel • drama met materialen • verbale spelvormen • non – verbale spelvormen Vormgevingsmiddelen • verkleedkleren • attributen • aankleding van de speelruimte • scenario
Te hanteren begrippen
het rollenspel, de theatertekst, improviseren
Voorbeelden
• Hannes en Susanne improviseren een scène op basis van de volgende kaartjes die ze respectievelijk trokken: de kermis – schietkraamuitbater – achterdochtig / de kermis – klant bij het schietkraam - verlegen • In de klas van Mies krijgt een groepje leerlingen de opdracht om op basis van ‘De drie biggetjes’ een scenario te bedenken met 4 biggetjes. -
MV.060 Gebruiken K1 K2 K3 L1 L2 L3 L4 L5 L6 KO 6.1.1; KO 6.1.2; L4 6.1.3; L4 6.1.4; L6 6.1.3; L6 6.1.4
Gebruiken vooraf verkende technieken en vormgevingsmiddelen van drama in een muzische creatie.
Muzische vorming › Muzisch proces › Drama › Technieken en vormgevingsmiddelen drama