21 doelen
-
Herkennen een echte breuk als één of meer gelijke delen van een continu geheel.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Echte breuk: noemer ≤ 20 Herkennen: in oppervlaktemodellen en strookmodellen
Te hanteren begrippen
de echte breuk
-
Lezen een echte breuk.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Echte breuk: noemer ≤ 20 • met schuine (1/4) breukstreep 1 • met horizontale ( ) breukstreep 4 -
Nemen een echte breuk van een geheel.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Echte breuk: noemer ≤ 20 Het geheel: • is continu (in oppervlaktemodellen en strookmodellen)
Voorbeelden
3 Jonathan kleurt van de tekening in het geel. 5 2 Bavo neemt van een cake. 6 -
Nemen een echte breuk van een geheel.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Echte breuk: noemer ≤ 20 Het geheel: • is continu (in oppervlaktemodellen en strookmodellen) • is een aantal • is een getal
Voorbeelden
Aantal: 3 Jonathan omcirkelt van 20 getekende boeken. En dus omcirkelt hij 12 delen. 5 Getal: 2 Bavo neemt van 12 appels. Hij neemt dus 4 appels. 6 -
Drukken een6 geheel uit als een breuk of als 1.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
-
Vergelijken echte breuken.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Echte breuken: noemer ≤ 20 • met dezelfde noemer (gelijknamige breuken) • met dezelfde teller Wiskundige notatie • ÷ • >, <, =, ≠
Voorbeelden
Vergelijking: 2 2 • < 5 3 3 6 • < 10 10 -
Ordenen echte breuken.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Echte breuken: noemer ≤ 20 • met dezelfde noemer (gelijknamige breuken) • met dezelfde teller Wiskundige notatie: >, <, =, ≠
Voorbeelden
Ordenen: 2 2 2 • < < 4 3 2 1 2 3 • < < 10 10 10 -
Herkennen gelijknamige breuken.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gelijknamige breuken: noemer ≤ 20
Te hanteren begrippen
de (on)gelijknamig(e) breuk
-
Plaatsen gelijknamige breuken ≤ 1 op de getallenas.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gelijknamige breuken: noemer ≤ 20 Getallenas: voorgestructureerd ≤ 1
-
Herkennen gelijkwaardige breuken.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gelijkwaardige breuken: noemer ≤ 20 of breuken die te vereenvoudigen zijn tot deze breuken
Te hanteren begrippen
de gelijkwaardige breuk
Voorbeelden
Gelijkwaardige breuken: 1 5 • = 20 100 1 2 4 • = = 2 4 8 -
Vormen gelijkwaardige breuken.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gelijkwaardige breuk: noemer ≤ 20 of breuken die te vereenvoudigen zijn tot deze breuken Vormen: door de teller en de noemer te vermenigvuldigen met dezelfde factor
Voorbeelden
Gelijkwaardige breuken: 1 25 • = 2 50 1 2 4 • = = 2 4 8 -
Vergelijken gerelateerde breuken.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gerelateerde breuken: noemer ≤ 20 of breuken die te vereenvoudigen zijn tot deze breuken Vergelijken: door de breuken gelijknamig te maken Wiskundige notatie: >, <, ≥, ≤, =, ≠
Voorbeelden
4 7 Thomas vraagt zich af: " Is groter, kleiner of gelijk aan ?” 5 10 4 7 Hij zegt: " en zijn gerelateerde breuken want de noemers zijn veelvouden van elkaar. 5 10 Ik maak de breuken gelijknamig op noemer 10 door bij de eerste breuk teller en noemer 4 8 8 7 4 7 met 2 te vermenigvuldigen, dus = en is groter dan dus > ” 5 10 10 10 5 10 -
Vergelijken echte breuken.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Echte breuken: noemer ≤ 20 of breuken die te vereenvoudigen zijn tot deze breuken Vergelijken: 1 via de referentiepunten 0, en 1 2 Wiskundige notatie: >, <, ≥, ≤, =, ≠Voorbeelden
6 3 6 Anaël wil graag weten: “Is groter, kleiner of gelijk aan ?” Ze zegt: “ is iets meer dan 9 8 9 3 6 3 de helft en is iets minder dan de helft dus > " 8 9 8 -
Ordenen echte breuken.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Echte breuken: noemer ≤ 20 of breuken die te vereenvoudigen zijn tot deze breuken Ordenen: 1 via de referentiepunten 0, en 1 2 Wiskundige notatie: >, <, ≥, ≤, =, ≠ -
Geven breuken weer.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Breuken: noemer ≤ 100 Weergeven: • met een schematische voorstelling 9 • met horizontale ( ) breukstreep 81 -
Lezen breuken.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Breuken: noemer ≤ 100 Lezen: • met schuine (4/48) breukstreep 4 • met horizontale ( ) breukstreep 48 -
Vormen gelijkwaardige breuken.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Gelijkwaardige breuken: noemer ≤ 100 Vormen: door de teller en de noemer te vermenigvuldigen met dezelfde factor
Voorbeelden
Gelijkwaardige breuken: 2 4 6 • = = 9 18 27 -
Zetten echte breuken om naar gelijknamige breuken.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Echte breuken: met willekeurige noemers Omzetten: via de kleinste gemeenschappelijke veelvoud (KGV) van beide noemers (noemer ≤ 100) Voorbeeld: 5 3 Loena wil de breuken en gelijknamig maken. 12 8 Ze zegt: "Ik zoek het kleinste gemeenschappelijke veelvoud van 12 en 8. Dat is 24. 5 4 3 9 Dan maak ik = en = . Nu hebben ze dezelfde noemer en zijn ze gelijknamig." 12 24 8 24 -
Vereenvoudigen een breuk.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Een breuk: noemer ≤ 100 Vereenvoudigen: teller en noemer delen door de grootste gemeenschappelijke deler (GGD)
Te hanteren begrippen
vereenvoudigen
Voorbeelden
9 Yasmine zegt: "Ik wil vereenvoudigen. De grootste gemeenschappelijke deler van 9 en 12 9 3 12 is 3. Ik deel teller en noemer door 3. Dus = . Ik heb de breuk vereenvoudigd." 12 4 -
Vergelijken echte breuken.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Echte breuken: noemer ≤ 100 Vergelijken: 1 via de referentiepunten 0, en 1 2 met en zonder getallenas -
Ordenen echte breuken.
Wiskunde › Getallenkennis › Positieve rationale getallen › Getalbegrip breuken › Echte breuken
Toon MIA, begrippen en voorbeelden
MIA
Echte breuken: noemer ≤ 100 Ordenen: 1 via de referentiepunten 0, en 1 2 • met getallenas • zonder getallenas Wiskundige notatie: >, <, ≥, ≤, =, ≠